Nieuws

Update rechtspraak Gezondheidsrecht juli 2026

Gepubliceerd op 12 aug 2026

Update rechtspraak Gezondheidsrecht juli 2026

Deze update omvat een selectie van uitspraken op het gebied van het gezondheidsrecht die in de maand juli op www.rechtspraak.nl zijn gepubliceerd. Elke uitspraak is voorzien van een inhoudsindicatie en een link naar de volledige uitspraak.

Rechtbank Gelderland 1 juli 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:5220

Publicatiedatum: 10 juli 2026

Eiser vordert voortzetting van de zorgovereenkomst door een instelling voor geestelijke gezondheidszorg, waar eiser werd behandeld/begeleid. De vordering wordt afgewezen, omdat er zich verschillende incidenten hebben voorgedaan waarbij eiser agressief gedrag vertoonde, en de instelling zich in voldoende mate heeft ingespannen om een alternatieve woon-/zorgplek voor eiser te vinden. De instelling heeft in een zoektocht naar een passend alternatief diverse zorginstellingen benaderd of eiser daar terecht kon, maar doordat de begeleiding en zorg niet aansloot bij de behoeften van eiser , eiser zijn toestemming voor het verstrekken van zijn gegevens weigerde en/of niet akkoord ging met bepaalde alternatieve instellingen, heeft dat niet tot resultaat geleid. Daarbij bleef de instelling medisch noodzakelijke zorg verlenen. 

Rechtbank Zeeland-West-Brabant 17 juni 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:5311

Publicatiedatum: 7 juli 2026

Zorgaanbieder mocht de zorgovereenkomst met een cliënt beëindigen wegens een ernstige en duurzame vertrouwensbreuk, zorgweigering en onvoldoende medewerking aan de zorgverlening en overplaatsing. De rechtbank oordeelt dat de zorgaanbieder voldoende inspanningen heeft verricht om passende zorg te bieden en alternatieve woonlocaties te vinden. Van schending van de zorgplicht, wanprestatie of onrechtmatige beëindiging is geen sprake. Alle vorderingen, waaronder herstel van de zorgovereenkomst en schadevergoeding, worden afgewezen.

Rechtbank Gelderland 12 juni 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:5967

Publicatiedatum: 22 juli 2026

Het inzageverzoek nabestaande op grond van artikelen 194 en 195 Rv wordt toegewezen ten aanzien van informatie en gesprekken de overleden dochter van de nabestaanden mogelijk heeft gedeeld met jongerenwerkers. Voor de jongerenwerkers geldt geen wettelijke geheimhoudingsplicht; begeleiding door middel van jongerenwerkers is ook niet aan te merken als een geneeskundige behandeling in de zin van de Wgbo en vormt ook geen hulp in de zin van de Jw. De rechtbank oordeelt dat er geen gronden voor ontheffing informatieverplichting zijn en geen (afgeleid) functioneel verschoningsrecht of het bestaan van zwaarwegende belangen in de zin van artikel 194 lid 2. 

Rechtbank Gelderland 12 juni 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:5964

Publicatiedatum: 22 juli 2026

Toewijzing van een inzageverzoek in het medisch dossier van de huisarts van de overleden dochter van nabestaanden vanwege het bestaan een zwaarwegend belang. Vaststaat dat de dochter bij leven niet wilde dat haar ouders op de hoogte waren van haar actuele medische situatie en haar bezoeken aan de huisarts. Uit hetgeen de huisartsenpraktijk bij verweerschrift stelt, blijkt echter niet dat de dochter uitdrukkelijk heeft uitgesproken dat zij niet wenste dat haar ouders te allen tijde, en specifiek na haar overlijden, inzage in of afschrift van gegevens uit haar medisch dossier zouden krijgen en dat deze wens elektronisch of schriftelijk is vastgelegd. Ter zitting heeft de advocaat van de huisartsenpraktijk desgevraagd bevestigd dat de dochter díe wens niet heeft uitgesproken. Dit brengt mee dat het bepaalde in artikel 7:458a lid 4 BW niet aan toewijzing van het inzageverzoek in de weg staat.

Rechtbank Den Haag 16 juli 2026, ECLI:NL:RBDHA:2026:19626

Publicatiedatum: 16 juli 2026

Een ziekenhuis is niet gehouden om de samenwerking met door cardiologen voor onderzoekswerkzaamheden opgerichte vennootschap (voorlopig) voort te zetten. De vennootschap vordert in kort geding voortzetting van de samenwerking. Voor zover de samenwerking als een duurovereenkomst voor onbepaalde tijd kan worden gezien, heeft het ziekenhuis een voldoende zwaarwegende grond voor opzegging daarvan; de manier waarop de onderzoeken op dit moment worden gefinancierd is in strijd met de Beleidslijn die het ziekenhuis in 2025 heeft opgesteld. Er is geen (nadere) opzegtermijn vereist.

Rechtbank Amsterdam 8 oktober 2020 ECLI:NL:RBAMS:2020:4894

Publicatiedatum: 23 juli 2026

Kort geding waarin gedaagden worden veroordeeld geen valse recensies (meer) te plaatsen op google over de praktijk van eiseres. Ook worden gedaagden verboden om eiseres te benaderen.

Rechtbank Den Haag 2 juli 2026, ECLI:NL:RBDHA:2026:17894/17903/17913/17923

Publicatiedatum: 2 juli 2026

Door grote groepen fysiotherapiepraktijken tegen verschillende zorgverzekeraars ingestelde vorderingen tot het bieden van reële marktconforme tarieven voor 2026 en 2027 bij gebreke van voldoende spoedeisend belang afgewezen. Daarbij gold een hogere drempel omdat (i) geen acute noodsituatie aannemelijk was gemaakt, (ii) de NZa juist concludeerde dat momenteel geen stelselbreed toegankelijkheidsprobleem bestaat, (iii) een tariefverhoging grote financiële gevolgen voor VGZ en mogelijk voor verzekerden heeft, en (iv) nog zeer onzeker is of de vorderingen in een bodemprocedure zouden slagen. 

Meld je aan voor onze nieuwsbrief

Geen juridische updates missen? Maak dan een selectie uit de diverse expertises van Holla legal & tax.

Aanmelden nieuwsbrief