College van Beroep voor het bedrijfsleven 16 december 2025, ECLI:NL:CBB:2025:679
Publicatiedatum: 22 december 2025
Op 14 juli 2025 heeft de NZa prestaties en bijbehorende tarieven voor de geestelijke gezondheidszorg en de forensische zorg vastgesteld voor het jaar 2026 (tariefbeschikkingen 2026). De belangenvereniging voor ambulante ggz-instellingen voor volwassenen, kinderen en jeugdigen verzoekt om schorsing van de tarieven voor de geestelijke gezondheidszorg en de forensische zorg voor het jaar 2026, omdat de NZa volgens de zorgaanbieders de tarieven voor 2026 7,1% te laag heeft vastgesteld. Dat komt volgens de zorgaanbieders doordat de NZa bij de vaststelling van de tarieven onvoldoende rekening heeft gehouden met de loonkostenontwikkelingen in de ggz. De tarieven zijn daardoor volgens de zorgaanbieders niet kostendekkend. De voorzieningenrechter is het met de NZa eens dat het door de zorgaanbieders overgelegde rapport fouten en onjuiste aannames bevat en ziet in het betoog van de zorgaanbieders daarom geen aanleiding om de tariefbeschikking 2026 te schorsen. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.
College van Beroep voor het bedrijfsleven 19 december 2025, ECLI:NL:CBB:2025:683
Publicatiedatum: 19 december 2025
Op 2 juli 2025 heeft de NZa prestaties en bijbehorende tarieven voor de orthodontische - en de tandheelkundige zorg vastgesteld voor het jaar 2026 (tariefbeschikkingen 2026). De beroepsverenigingen voor de orthodontische - en de tandheelkundige zorg hebben tegen die tarieven bezwaar gemaakt en de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen, omdat zij zich op het standpunt stellen dat de tariefbeschikkingen 2026 de rechtmatigheidstoets niet kunnen doorstaan. De beroepsverenigingen stellen zich op het standpunt dat de totstandkoming van de tarieven gebrekkig is en de tarieven de redelijke kosten van zorg niet dekken. Net als de huisartsen aanvoerden op 18 november 2025 (ECLI:NL:CBB:2025:606, huisartsenuitspraak), leidt de toerekening van de normatieve arbeidscomponent (NAC) ook voor de orthodontisten en de tandartsen tot een scheef resultaat en is het aan de NAC ten grondslag gelegde functiewaarderingsonderzoek niet voldoende inzichtelijk. Verder voeren de beroepsverenigingen aan dat geen rekening is gehouden met vergoeding van de goodwill en dat de NZa gemiddelden voor de praktijkkosten en de NAC inconsistent en onjuist toepast. Zij vorderen dat de nieuwe tarieven worden geschorst en dat de huidige tarieven voor het jaar 2025 van toepassing zullen blijven, vermeerderd met de gebruikelijke indexering. De voorzieningenrechter ziet geen aanleiding om de tariefbeschikkingen 2026 te schorsen en de gevraagde voorzieningen te treffen. Er is geen sprake van een scheef resultaat door de normatieve toerekening van de NAC, de goodwill is terecht niet meegenomen in de berekeningen.