Nieuws

Update rechtspraak Gezondheidsrecht februari 2026

Gepubliceerd op 4 mrt 2026

Update rechtspraak Gezondheidsrecht 2026

Deze update omvat een selectie van uitspraken op het gebied van het gezondheidsrecht die in de maand februari op www.rechtspraak.nl zijn gepubliceerd. Elke uitspraak is voorzien van een inhoudsindicatie en een link naar de volledige uitspraak.

College van Beroep voor het bedrijfsleven 3 februari 2026, ECLI:NL:CBB:2026:37

Publicatiedatum: 3 februari 2026

De kosten van het permanent beschikbaar hebben van een spoedeisende eerste hulp kunnen niet rechtstreeks aan zorg(-producten) voor individuele patiënten worden toegerekend. Voor de bekostiging daarvan kan de NZa op grond van de Wmg daarom een subsidie, een zogenoemde beschikbaarheidbijdrage, toekennen. Twee ziekenhuizen hebben deze bijdrage voor hun SEH aangevraagd. Beide aanvragen worden afgewezen, omdat de ziekenhuizen niet gevoelig zijn voor de 45-minutennorm volgens de meest relevante analyse van het RIVM. Zij gaan tegen de afwijzing in beroep. Anders dan appellanten aanvoeren heeft de aanwijzing van de minister geen betrekking op individuele zorgaanbieders en is deze dus niet strijdig met artikel 7, vierde lid, van de Wmg. De ziekenhuizen zijn niet gevoelig volgens de bereikbaarheidsanalyse van het RIVM. Er is geen grond om de gevoeligheid anders te bepalen. Daarnaast is de afwijzing is niet in strijd met het evenredigheidsbeginsel of andere beginselen.

Rechtbank Limburg 6 februari 2026, ECLI:NL:RBLIM:2026:1370

Publicatiedatum: 26 februari 2026

De ouders van een kind die verblijft in een zorginstelling vorderen in kort geding camerabeelden van het cameratoezicht op hun zoon. De zoon is ’s nachts onrustig en verwondt zichzelf. Naar aanleiding van verschillende klachten wordt het cameratoezicht op de zoon gehouden. De camerabeelden worden in principe niet opgeslagen en bewaard, met uitzondering van een periode waarin camerabeelden zijn bewaard om voor te leggen aan een gedragsdeskundige. In die periode doet zich een incident voor, waarvan de ouders de camerabeelden trachten te verkrijgen. De ouders hebben de beelden al geblurd kunnen inzien. De vordering tot afgifte van de camerabeelden wordt afgewezen. Het belang zorginstelling om haar medewerkers te beschermen prevaleert boven belang ouders om zelf over de camerabeelden te kunnen beschikken. Aan het belang van de ouders om de beelden te verstrekken aan toezichthoudende instanties is op minder ingrijpende wijze tegemoet gekomen. Daarnaast is hetgeen de ouders met de beelden willen bewijzen tussen partijen niet in geschil.

Rechtbank Rotterdam 23 januari 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:967

Publicatiedatum: 10 februari 2026

De rechtbank wijst het verzoek voor een zorgmachtiging toe. Met de zorgmachtiging wordt beoogd om betrokkene een staaroperatie te laten ondergaan, maar naar het oordeel van de rechtbank is het doel breder. Zonder staaroperatie zal betrokkene verder isoleren en geen perspectief hebben om door te stromen naar een meer zelfstandige woonvorm. Daarmee is het primaire doel niet om alleen de fysieke gezondheid van betrokkene te herstellen. Om die reden is de rechtbank van oordeel dat in dit geval de Wvggz, niet de Wgbo, van toepassing is.

Rechtbank Amsterdam 17 december 2025 ECLI:NL:RBAMS:2025:10873

Publicatiedatum: 13 februari 2026

Een verzoek tot verlenging van de crisismaatregel met daarin een verzoek van zorgaanbieder om betrokkene te repatriëren onder één van de verplichte zorg vormen die zijn aangevraagd. Repatriëren kan niet worden gezien als een beslissing tot overplaatsing (artikel 8:16 Wvggz), omdat dit artikel niet voorziet in een overdracht aan een buitenlandse zorgaanbieder. Geenzins valt repatriëring onder andere vormen of doelen van verplichte zorg die de (parlementaire geschiedenis van de) wet bevat. Het inzetten van verplichte zorg is daarnaast beperkt tot landsgrenzen. De rechtbank kan repatriëring niet als onderdeel van een vorm van verplichte zorg of doel van verplichte zorg opnemen in de te verlenen voortzetting van de crisismaatregel.

Hoge Raad 13 februari 2026, ECLI:NL:HR:2026:242

Publicatiedatum: 13 februari 2026

De klachten richten zich tegen het oordeel van de rechtbank dat de accommodatie zich ook buiten het terrein van de zorgaanbieder uitstrekt, voor zover het begeleid wandelen betreft. Ook dat het rookverbod tijdens deze wandelingen voldoet aan het vereiste dat huisregels de ordentelijke gang van zaken en veiligheid in de accommodatie regelen. Volgens de onderdelen berust dit op een onjuiste rechtsopvatting. Art. 1:1 lid 1, aanhef en onder b, Wvggz maakt duidelijk dat een accommodatie niet verder reikt dan de bouwkundige voorziening en het daarbij behorende terrein. Daarmee is ook het oordeel over het rookverbod onjuist. Het beroep slaagt en de beschikking van de rechtbank wordt vernietigd.

Hoge raad 13 februari 2026, ECLI:NL:HR:2026:241

Publicatiedatum: 13 februari 2026

Op het afslagenbeleid van een zorgverzekeraar is art. 34 VWEU (vrij verkeer van goederen) van toepassing. Het afslagenbeleid bestaat uit dat een bepaald geneesmiddel volledig wordt vergoed aan ziekenhuis als dat wordt ingekocht bij fabrikant van het geneesmiddel en slechts gedeeltelijk wordt vergoed – door toepassing van afslag – als ziekenhuis inkoopt bij paralleldistributeur van de zorgverzekeraar De kortingsafspraak heeft geen mededingingsbeperking als bedoeld in art. 101 lid 1 VWEU en/of art. 6 Mw tot strekking of gevolg. Het door een paralleldistributeur ingestelde beroep wordt verworpen.

Meld je aan voor onze nieuwsbrief

Geen juridische updates missen? Maak dan een selectie uit de diverse expertises van Holla legal & tax.

Aanmelden nieuwsbrief