Werktijdverkorting coronavirus

Update 18 maart 2020, 11.00 uur:
We hebben inmiddels een Q&A online staan over de nieuwe regeling: Noodmaatregel Overbrugging voor Werkbehoud (NOW). Klik hier voor dit artikel.

Werkgever en minder werk door het Coronavirus/COVID-19? Pas Werktijdverkorting (Wtv) toe!

Het Coronavirus/COVID-19 is een valide reden voor werkgevers om gebruik te maken van de Werktijdverkortingsregeling uit de Werkloosheidswet. Deze regeling is bedoeld om gedwongen ontslagen te voorkomen in tijden dat sprake is van verminderde bedrijvigheid wegens buitengewone omstandigheden.

Buitengewone omstandigheden zijn gevallen van overmacht die buiten het gewone ondernemersrisico vallen, zoals een brand, maar ook het Coronavirus/COVID-19 wordt aangemerkt als buitengewone omstandigheid. Op het moment van schrijven van dit artikel hebben al zo’n 750 bedrijven een aanvraag voor Werktijdverkorting ingediend voor in totaal zo’n 2000 werknemers[1], maar niet alle aanvragen worden zomaar toegewezen. In dit artikel leest u hoe u een vergunning voor Werktijdverkorting kunt krijgen, wat dat voor uw bedrijf en uw werknemers betekent en welke voorwaarden van toepassing zijn.  Klik hier om naar de meest gestelde vragen en antwoorden over dit onderwerp te gaan.

Aanvraag en toepassing Werktijdverkorting

Een aanvraag voor toepassing van de Werktijdverkortingsregeling doet een werkgever bij het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) door middel van het invullen van een webformulier op de website https://www.uitvoeringarbeidsvoorwaardenwetgeving.nl. Een directe link naar het aanvraagformulier vindt u hier. Het ministerie beoordeelt uw aanvraag en – als u voldoet aan de voorwaarden (zie hieronder) – dan verkrijgt u officieel een ontheffing van het wettelijke verbod om werktijdverkorting toe te passen (in andere woorden: dan mag u de werktijd van uw werknemers verkorten, waar dat normaal gesproken niet mag). Zodra u de vergunning heeft ontvangen van het Ministerie, moet u hiervan melding maken bij het UWV door het invullen en toesturen van het formulier ‘Melding werktijdverkorting’ (de link naar dit formulier vindt u hier). Na  ontvangst van de vergunning en het melden daarvan, kunt u ten slotte een WW-uitkering aanvragen voor de werknemers op wie de werktijdverkorting is toegepast (de link naar dit formulier vindt u hier), maar dit doet u pas na afloop van de toepassing van de verkorting. UWV vraagt u, als werkgever, om op te geven hoeveel uren de individuele werknemers tijdens de werktijdverkorting hebben gewerkt, en op basis van die opgave keert UWV aan u uit (vanzelfsprekend tot maximaal het aantal uren waarvoor de vergunning is verleend).

Voorwaarden

Niet elke werkgever verkrijgt zomaar een vergunning voor de toepassing van werktijdverkorting met het noemen van het Coronavirus/COVID-19 in de aanvraag. In de toepasselijke Beleidsregel staat dat ontheffing wordt verleend aan werkgevers als ‘ten minste 2 kalenderweken en gedurende ten hoogste 24 kalenderweken, ten minste 20% van de aan de werkgever ter beschikking staande arbeidscapaciteit niet kan of naar verwachting niet zal kunnen worden benut, vanwege […] buitengewone omstandigheden’.[2] Een werkgever zal dus aannemelijk moeten maken dat hij als gevolg van het Coronavirus/COVID-19 zijn werknemers ten minste 2 werkweken lang ten minste 20% minder zal of verwacht te zullen inzetten. Tegelijkertijd geldt dat in het geheel géén vergunning wordt verleend als het herstel van de bedrijvigheid naar verwachting langer dan 24 weken zal duren. Vermindering in arbeidscapaciteit kan betekenen dat sommige werknemers in uw bedrijf het werk helemaal niet meer kunnen verrichten, of slechts gedeeltelijk. Overigens vallen uitzendkrachten niet onder de regeling: als er voor ingeleend personeel minder werk is wegens het Coronavirus/COVID-19 kan daar geen ontheffing voor worden gevraagd. Datzelfde geldt voor zieke werknemers: voor hen geldt immers dat de werkgever het loon moet doorbetalen op basis van artikel 7:629 lid 1 BW.

De vergunning voor toepassing van werktijdverkorting wordt verleend voor een periode van 6 weken. Verbetert de situatie op de werkvloer binnen die 6 weken, dan dienen de werknemers weer hun gebruikelijke uren te werken. Verbetert de situatie binnen 6 weken echter niet, dan kunt u een verlenging van de vergunning aanvragen bij het Ministerie SZW. De verlenging van de vergunning kan worden aangevraagd middels een link in de e-mail die de werkgever van het ministerie heeft ontvangen bij de toewijzing van de eerste aanvraag, maar werkgevers kunnen ook opnieuw het aanvraagformulier invullen (zie de link hierboven).

Overweegt u een vergunning voor Werktijdverkorting aan te vragen en heeft u daar hulp bij nodig of heeft u nog vragen over de voorwaarden die gelden om voor Werktijdverkorting in aanmerking te komen? Neem dan contact op met Bert van den Boom (b.vandenboom@holla.nl) voor al uw vragen of één van de andere medewerkers van de Business Unit Arbeidsrecht (088-4402400).

De meest gestelde vragen over Werktijdverkorting vindt u hier.

[1] https://www.rtlz.nl/beurs/bedrijven/artikel/5046936/werktijdverkorting-aantal-aanvragen-ww-coronavirus

[2] Beleidsregels ontheffing verbod op werktijdverkorting 2004.

Bert van den Boom

Sector

    Expertise

    < Vorige

    Volgende >

    Spring naar toolbar