De Wet DBA; zekerder kunnen we het wél maken

Op 1 mei jl. is de Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (Wet DBA) in werking getreden. Dit betekende het einde van de VAR, de verklaring arbeidsrelatie. Men kan oprecht vraagtekens plaatsen bij het woord “deregulering”. Het Ministerie van Financiën heeft onlangs bekend gemaakt dat nog geen 10 procent van de voorgelegde modelcontracten wordt goedgekeurd door de Belastingdienst. Dit creëert onzekerheid bij bedrijven en organisaties die zzp’ers willen inhuren voor interim-klussen of projecten. Het werk moet echter toch gedaan worden, maar het aannemen van personeel daarvoor is er ook al niet makkelijker op geworden vanwege de effecten van de Wet Werk en Zekerheid (WWZ). De Belastingdienst roept opdrachtgevers op een modelcontract van de website van de Belastingdienst te downloaden en “gewoon aan het werk te gaan”. Dat is ook een methode om met kritiek om te gaan, zullen we maar zeggen.

Je zult maar HR-zaken in je portefeuille hebben, gevangen in een spagaat tussen de Wet DBA en de WWZ. Het einde van het transitiejaar nadert langzaam maar onverbiddelijk. Je weet dat de Belastingdienst vanaf 1 mei 2017 “repressieve handhavingsmaatregelen” gaat nemen. Dat klinkt dreigend. Cliënten die denken dat de Belastingdienst hun deur voorbij gaat, moeten we teleurstellen. Ondanks de leegloop bij de Belastingdienst blijft het een organisatie met een enorme capaciteit, slagkracht en macht. Bovendien zal men het nu willen laten zien. Een gecalculeerde gok nemen op een lage pakkans is dan ook een manier van opereren die we met kracht verwerpen, nog los van de ethische aspecten die daaraan verbonden zijn.

Er zijn echter opties, er is een plan B. Mijn kantoorgenote Petra Domevscek (Arbeidsrecht) en ik hebben onlangs in een artikel in het Weekblad voor Fiscaal Recht bepleit dat de Belastingdienst te streng is. Ondersteund door een waaier van jurisprudentie hebben wij gedemonstreerd dat het beleidskader van de Belastingdienst moet worden herijkt. De Tweede Kamer heeft onlangs tot ons genoegen een motie aangenomen die de regering oproept om precies dat te doen. Daarmee is de eerste scheur een feit.

Hierop voortbordurend wint de volgende mogelijkheid sterk aan aantrekkelijkheid. Opdrachtgevers en opdrachtnemers kunnen aan de Belastingdienst of het UWV vragen om een uitspraak te doen over hun concrete arbeidsrelatie. Men kan verzoeken om te bevestigen dat er geen sprake is van een arbeidsovereenkomst. Volgt bevestiging, dan geeft dat veel meer zekerheid dan ooit te verkrijgen is met een goedgekeurde modelovereenkomst.  Volgt afwijzing, dan is bekend wat eraan schort en kan onder dekking van het transitiejaar bijgestuurd worden. Dit alles ook nog eens binnen vastgestelde wettelijke termijnen. In wezen verkrijgt men alsdan een VAR 2.0.

Benieuwd welke andere mogelijkheden er zijn? Neemt u gerust contact op voor een hoogstpersoonlijk advies op maat.

Boris Emmerig, Managing Partner, Finance

< Vorige

Volgende >

Spring naar toolbar