Nieuws
Wijziging Wet milieubeheer: Verbetering en effectiever toezicht NEa bij certificering duurzame biomassa?
Gepubliceerd op 26 jun 2026
Onze mensen
Op 18 mei 2026 is de internetconsultatie gestart voor het wetsvoorstel Wijziging van de Wet milieubeheer in verband met toezicht en handhaving door de Nederlandse Emissieautoriteit (de ‘NEa’) en de handhaving van voorschriften met betrekking tot gefluoreerde broeikasgassen en ozonlaagafbrekende stoffen[1]. De belangrijkste wijzigingen en wat daarvan de gevolgen kunnen zijn voor de praktijk lees je in deze blog.
Toezicht en handhaving op certificering en verificatie van duurzame biomassa
Het voorstel wijzigt de Wet milieubeheer (de ‘Wm’) door daarin de toezicht- en handhavingsbevoegdheid van de NEa op te nemen ten aanzien van conformiteitsbeoordelingsinstanties (‘CBI’s’), die certificering en verificatie verrichten voor biomassa. Een CBI certificeert op grond van certificeringsschema’s, of verifieert op grond van een verificatieprotocol of duurzame biomassa daadwerkelijk duurzaam is. Een positieve beoordeling door een CBI levert certificering op. Met deze certificering ontstaat een gerechtvaardigd vertrouwen dat de gebruikte biomassa daadwerkelijk duurzaam is.
Toezicht NEa: van constateren naar handhaven
Het toezicht op deze beoordelingen bleek echter niet voldoende effectief te zijn, omdat de NEa alleen belast is met het toezicht op de naleving van de regels en geen handhavingsbevoegdheid heeft. Hierdoor kan de NEa bijvoorbeeld wel constateren dat een CBI niet-duurzame biomassa certificeert als duurzame biomassa, maar hier vervolgens niet handhavend tegen optreden. De NEa kan daar dan alleen maar een melding van maken bij de minister.
Toekomstige sancties bij niet-naleving van duurzaamheidsregels biomassa
Met de wijziging krijgt de NEa de bevoegdheid een last onder dwangsom of een bestuurlijke boete op te leggen aan CBI’s. Voorgesteld wordt dat de NEa een last onder dwangsom of zelfs een boete kan opleggen bij overtredingen van het Besluit duurzaamheid biomassa. De internetconsultatie voor dit besluit is gelijktijdig op 18 mei 2026 van start gegaan[2]. Een boete bedraagt maximaal € 450.000,- of, als de omzet in het voorafgaande boekjaar meer is geweest dan € 4.500.000,-, maximaal 10% van de omzet. Daarbij kan door het voorstel straks ook een bestuurlijke boete opgelegd worden bij overtredingen van de voorschriften gesteld bij of krachtens het Besluit gefluoreerde broeikasgassen (‘F-gassen’) en ozonlaagafbrekende stoffen (‘OAS’), de F-gassenverordening en de OAS-verordening. Voor deze overtredingen konden al andere sancties opgelegd worden, maar ter bevordering van een effectieve handhaving wordt hier de bestuurlijke boete aan toegevoegd.
Effectiever toezicht in de praktijk?
De regering gaat ervan uit dat handhaving en toezicht met dit voorstel effectiever worden, nu de NEa zelf een handhavingsbevoegdheid krijgt. Voor CBI’s kan een daadwerkelijke effectievere handhaving betekenen dat zij nauwlettender de certificeringsschema’s en verificatieprotocollen uit het Besluit duurzame biomassa zullen moeten volgen. Een (onbedoelde) overtreding daarvan zal immers sneller kunnen leiden tot een last onder dwangsom of een hoge bestuurlijke boete.
Of de NEa ook daadwerkelijk haar handhavingsbevoegdheid veelvuldig gaat inzetten, en of daarmee wordt voorkomen dat met niet-duurzame biomassa wordt gehandeld, zal in de praktijk moeten blijken. Ook moet nog bezien worden in hoeverre een effectievere handhaving het vertrouwen in certificering en verifiëring zal versterken.
Mocht u op deze consultatie nog een zienswijze in willen dienen dan, kan dat nog tot 13 juli 2026.
Heeft u naar aanleiding van deze blog vragen over emissierechten of het milieu- en omgevingsrecht? Neem dan contact op met Harald Wiersema of Ko Hamelink.
Onze mensen
Heeft u vragen of wilt u een afspraak maken?
Meld je aan voor onze nieuwsbrief
Geen juridische updates missen? Maak dan een selectie uit de diverse expertises van Holla legal & tax.