Verplichte inzet werklozen

Verplichte inzet werklozen bij de uitvoering van een overheidsopdracht

Kan de aanbestedende dienst van een inschrijver eisen dat hij voor de uitvoering van de opdracht een bepaald percentage werklozen inzet? Een zodanige eis leidt veelal tot kritiek van ondernemers. Vragen die zoal rijzen zijn: waar haal ik de middelen vandaan, welke risico’s loop ik en betekent dit dat “reguliere” werknemers worden verdrongen?

In beginsel toegestaan
Tenzij de opdracht zich hier naar zijn aard niet voor leent, is het in beginsel toegestaan om te eisen dat bij de uitvoering van een overheidsopdracht een percentage werklozen moet worden ingezet. Wel is van belang dat de eis niet zodanig wordt geformuleerd dat in strijd wordt gehandeld met het non-discriminatiebeginsel en/of het proportionaliteitsbeginsel.

Non-discriminatie en proportionaliteit
In het klassieke arrest “Beentjes” uit 1988 van het Hof van Justitie werd door de aanbestedende dienst geëist dat gebruik werd gemaakt van bij het GBA ingeschreven werklozen. Dit betekende dat alleen in Nederland ingeschreven werklozen konden worden ingezet voor de uitvoering van de opdracht. Hiermee werden buitenlandse inschrijvers teveel buitenspel gezet. Een werkloosheidseis die teveel inschrijvers buitenspel zet, is dus niet toegestaan.

Het is ook van belang dat het percentage in te zetten werklozen dat wordt geëist kritisch wordt getoetst aan het beginsel van proportionaliteit. Dit betekent dat het percentage in een redelijke verhouding moet staan tot de omvang van de opdracht. Ook met betrekking tot de hoogte van het percentage is van belang dat deze niet zodanig hoog is, dat teveel inschrijvers buitenspel worden gezet.

Deze en andere onderwerpen die verband houden met duurzaam aanbesteden en de daarbij gehanteerde sociale- en milieucriteria willen wij graag met u bespreken tijdens ons congres Business Ethics & Legal op 21 juni 2018. Meld u nu aan op www.vooruitzien.nu!

Jack van Beers

Jack van Beers

< Vorige

Volgende >

Spring naar toolbar