Tax update

TAX UPDATE – Excessief lenen van dga’s bij eigen BV

Directeur-grootaandeelhouders (hierna: dga’s) kunnen nu grote bedragen lenen van hun BV, bijvoorbeeld voor de aanschaf van een eigen woning, voor consumptieve doeleinden of de aanschaf van beleggingspanden in box 3. Door deze bedragen te lenen, in plaats van het als loon te genieten of als dividend uit te keren, vindt geen directe belastingheffing plaats, terwijl de dga wel over de gelden kan beschikken die afkomstig zijn uit de BV. Op deze wijze hebben de dga’s de mogelijkheid om belastingheffing langdurig uit te stellen.

Met een rekening-courantmaatregel dient belastinguitstel door middel van excessief lenen van dga’s bij de eigen BV te worden aangepakt. Het kabinet wil deze situatie tegengaan en het excessief lenen bij de eigen BV ontmoedigen door bij bovenmatige leningen, van meer dan EUR 500.000, direct belasting te heffen. Als de totale schuld meer dan EUR 500.000 bedraagt, wordt dat meerdere bedrag als een fictief regulier voordeel in de aanmerkelijkbelangheffing betrokken. Het tijdstip van belastingheffing sluit dan aan bij het tijdstip dat de liquide middelen de BV verlaten.

Met betrekking tot de beoogde Wet excessief lenen bij de eigen vennootschap, is op 3 mei 2019 een Wet openbaarheid van bestuur (Wob)-verzoek ingediend. De minister van financiën heeft op 17 december 2019 gevolg gegeven aan het verzoek tot openbaarmaking van de stukken. Het document kan hier worden geraadpleegd.

In het Wob-verzoek is gevraagd om alle stukken met betrekking tot de volgende punten.

a) Het handhavingstekort bij de Belastingdienst ten aanzien van de controle op het lenen tegen zakelijke voorwaarden door dga’s van de eigen vennootschap.

De minister antwoordt dat er geen stukken zijn die zien op een handhavingstekort bij de Belastingdienst ten aanzien van de controle op het lenen tegen zakelijke voorwaarden door dga’s.

b) De voorbereiding van de Wet excessief lenen bij de eigen vennootschap.

Er wordt verwezen naar vier notities die zijn opgesteld ter voorbereiding op het wetsvoorstel. Daarbij is ook een gespreksverslag van 27 februari 2018 met de werkgeversorganisatie VNO-NCW gevoegd.

c) De ramingen van de opbrengsten van de Wet excessief lenen bij de eigen vennootschap.

Er zijn twee memo’s opgesteld waarin dergelijke ramingen zijn opgenomen. Wegens het uiteenlopende karakter van de diverse in aanmerking te nemen budgettaire effecten zijn de gevolgen met behulp van een netto contante waardebenadering omgerekend naar een constante jaarlijkse opbrengst van afgerond 50 miljoen. Voor verdere uitwerking van de memo’s verwijzen wij naar hetgeen beschreven onder punt e.

d) De uitzondering van de eigenwoningschuld.

In antwoord op deze vraag zijn enige documenten ten aanzien van de “verzachting” van het wetsvoorstel gepubliceerd.

e) Een cijfermatig inzicht van de rekening-courantschulden van dga’s van 2001 tot nu.

Met betrekking tot deze vraag zijn geen cijfermatige overzichten verstrekt van rekening-courantschulden van dga’s vanaf 2001 tot heden, maar wel is een opstelling bijgevoegd over de jaren 2011 tot en met 2015. Daaruit blijkt dat circa 225.000 dga’s in 2015 een schuld bij de eigen BV hadden voor een totaalbedrag van ruim EUR 51 miljard waarvan ruim EUR 20 miljard betrekking heeft op leningen boven de EUR 500.000.

Tevens is nog (deels) openbaar gemaakt:

  • een beslispuntennotitie fictief regulier voordeel schuldverhoudingen a.b.-houder van 5 juli 2018;
  • beslispunten bovenmatig lenen bij de eigen vennootschap van 18 december 2018;
  • een beslispuntennotitie internetconsultatie r/c maatregel van 20 februari 2019, en;
  • een notitie van de Belastingdienst Utrecht over uitvoeringsproblemen bij de aanpak lenen van de BV van 16 januari 2018.

Conclusie

Zoals het er nu naar uitziet zal de maatregel zal ingaan op 1 januari 2022. Hierdoor hebben ab-houders tot die tijd de mogelijkheid om de bestaande schuld af te lossen (tot in ieder geval het maximumbedrag van EUR 500.000), zodat geen fictief regulier voordeel in aanmerking wordt genomen. Wij raden dan ook aan om hoge rekening-courantposities tegen het licht te houden zodat tijdig actie kan worden ondernomen. Een proactieve houding ten aanzien van de nieuwe maatregel vooraf kan ongewenste belastingheffing achteraf voorkomen.

Mocht u ons advies wensen ten aanzien van uw r-c positie of de r-c maatregel, neem dan gerust contact op met Boris, Tom, Demi of Lennart. Wij helpen u graag verder!

Lennart van de Peppel, fiscalist

Boris Emmerig, Managing Partner, Finance

Demi van Zantvoort

Tom Zondag

< Vorige

Volgende >

Spring naar toolbar