Prinsjesdag 2018

Prinsjesdag 2018. Goed nieuws?

De derde dinsdag in september is ieder jaar weer een spektakel van nieuwe plannen en wijzigingen. Hieronder geven wij een overzicht van de belangrijkste wijzigingen op het gebied van de vennootschapsbelasting en omzetbelasting die in het Belastingplan 2019 werden gepresenteerd. Wij bespreken graag met u de gevolgen voor uw bedrijfsvoering van de voorgestelde maatregelen.

Vennootschapsbelasting

  • Verlaging Vpb-tarief
    Het tarief in de vennootschapsbelasting zal in drie jaarlijkse stappen worden verlaagd:

    2018201920202021 
    Eerste schijf – tot € 200.00020%19%17,50%16%
    Tweede schijf – vanaf € 200.00025%24,30%23,90%22,25%

     

  • Verbod investeren vastgoed door fbi’s
    Vanaf 1 januari 2020 mogen fiscale beleggingsinstellingen (fbi’s) niet meer direct beleggen in Nederlands vastgoed. Indien de Nederlandse dividendbelasting wordt afschaft heeft Nederland geen heffingsrecht meer met betrekking tot door fbi’s gehouden Nederlands vastgoed. Dit wil het kabinet graag voorkomen.
  • Beperking van voorwaartse verliesverrekening
    De termijn voor voorwaartse verliesverrekening in de vennootschapsbelasting wordt verkort van negen naar zes jaar. Deze termijn zal voor het eerst gelden voor verliezen ontstaan in 2019. Verliezen die zijn opgekomen in 2018 mogen nog negen jaar voorwaarts worden verrekend tot en met 2027. Verliezen geleden in 2019 tot en met 2025.
  • Beperking afschrijving vastgoed
    Volgens de nu geldende wetgeving kunnen B.V.’s in principe onroerende zaken tot maximaal 50% van de WOZ-waarde fiscaal afschrijven als zij deze zaken gebruiken voor hun ondernemingen. Beleggingspanden zijn af te schrijven totdat de boekwaarde gelijk is aan 100% van de WOZ-waarde. Het kabinet wil dit onderscheid opheffen door de afschrijvingsgrens van alle gebouwen te stellen op 100% van de WOZ-waarde.
  • Implementatie ATAD

Controlled foreign company (CFC) maatregel
Het kabinet wil een maatregel invoeren om misbruik met zogeheten ‘controlled foreign companies’ (CFC’s) te bestrijden. Er kan sprake zijn van een CFC als een vennootschapsbelastingplichtig lichaam een (in)direct belang van meer dan 50% in een ander lichaam of een vaste inrichting heeft. Eventueel kan het lichaam dit belang samen met een gelieerde partij houden. Het andere lichaam of de vaste inrichting kwalificeert pas als een CFC als het is gevestigd in een staat die de winst van lichamen niet belast of tegen een tarief van minder dan 7% of is opgenomen op een lijst van niet-meewerkende rechtsgebieden. De antimisbruikmaatregel houdt grofweg gezegd in dat renten, dividenden en 5 royalty’s van de CFC’s als besmette voordelen worden aangemerkt. Als de CFC deze besmette voordelen niet (tijdig) uitkeert, rekent de Belastingdienst deze voordelen na aftrek van de bijbehorende kosten tot de winst van de Nederlandse houdstervennootschap. Er is geen sprake van en CFC indien de CFC echt economisch activiteiten verricht.

Uitstel exitheffing verkort
Bij verplaatsing van de fiscale vestigingsplaats van een vennootschapsbelastingplichtig lichaam dient over de niet gerealiseerde meerwaarden van de overgebrachte bestanddelen een exitheffing te worden betaald. De termijn voor het betalen van deze exitheffing is op dit moment tien jaarlijkse termijn. Deze termijn wordt verkort naar vijf jaar.

Afschaffing dividendbelasting
In het pakket Wet bronbelasting 2020 worden maatregelen aangekondigd om de dividendbelasting af te schaffen. In het verlengde daarvan bevat het pakket maatregelen die erop zijn gericht om grondslagverschuiving van Nederland naar (laagbelaste) jurisdicties tegen te gaan. In die gevallen zal wel een bronbelasting op dividenduitkeringen worden geheven. Het tarief van de bronbelasting zal gelijk zijn aan dat van de vennootschapsbelasting, 23,9% in 2020 en 22,25% in 2021. De bronbelasting wordt alleen geheven als de ontvangende vennootschap is gevestigd in een staat die de winst van lichamen niet belast of tegen een tarief van minder dan 7%, of als sprake is van een misbruiksituatie. Vanaf het jaar 2021 zal, in het verlengde van het bovenstaande, tevens bronbelasting worden ingehouden op interestbetalingen of royaltybetalingen tussen gelieerde vennootschappen

Renteaftrekbeperking
Er ligt een voorstel om een nieuwe maatregel in te voeren in het kader van de renteaftrekbeperking. De maatregel komt erop neer dat het saldo van de betaalde en ontvangen rente aftrekbaar is tot maximaal 30% van de gecorrigeerde winst (“EBITDA”). De gecorrigeerde winst is de winst vóór interest, belasting, afschrijving en andere waardedalingen. De renteaftrekbeperking heeft een drempel van € 1 miljoen. Het niet-aftrekbare deel kan worden doorgeschoven naar een volgend jaar en dan onder voorwaarden alsnog in aftrek worden gebracht. Twee bestaande specifieke renteaftrekbeperkingen en de housterverliesregeling zullen komen te vervallen.

Omzetbelasting

  • Verhoging van verlaagde btw-tarief

Het verlaagde btw-tarief is op dit moment 6%. Dit tarief zal per 1 januari 2019 worden verhoogd naar 9%. Indien er (vooruit)betalingen in 2018 plaatsvinden voor leveringen van goederen en diensten in 2019 dan kan nog het oude verlaagde btw-tarief worden toegepast.

Tot slot

De nieuwe Miljoenennota, Rijksbegroting, het Belastingplan en alle bijbehorende stukken zijn hier te vinden.
Het behandelschema Belastingplan 2019 in de Tweede Kamer is als volgt. Op 15 november 2018 stemmen de Tweede-Kamerleden over het pakket Belastingplan. Daarna moet de Eerste Kamer nog instemmen met het pakket Belastingplan. Dat zullen zij doen voor het kerstreces. Mochten er wijzigingen plaatsvinden in de plannen van het kabinet zullen wij u daarover infomeren.

Mocht u vragen hebben met betrekking tot de gevolgen van de (beoogde) wijzigingen voor uw onderneming, neem dan gerust contact met ons op. Boris Emmerig, Demi van Zantvoort en Tom Zondag zijn graag bereid u verder te helpen!

 

 

 

< Vorige

Volgende >

Spring naar toolbar