Het is een feit: de verhuurderheffing gaat verder in 2014!

Het Woonakkoord
Het Woonakkoord is in de nacht van 17 op 18 december 2013 door de Eerste Kamer aanvaard. Vanaf 1 januari 2014 treedt de wet in. Deze wet is de opvolger van de ‘Wet verhuurderheffing’. De Wet verhuurderheffing gold uitsluitend voor 2013, deze wet vervalt dan ook per 1 januari 2014.

Het doel van de verhuurderheffing
Kabinet Rutte-II kiest voor het oplossen van de problemen op de woningmarkt voor een integrale aanpak van zowel de huur- als de koopwoningmarkt. Volgens het kabinet zijn de huur- en de koopsector te lang gezien als los van elkaar functionerende markten. In het voorjaar is de inkomenafhankelijke huurverhoging voor de gereguleerde sector ingevoerd. Hierdoor hebben verhuurders van niet geliberaliseerde huurwoningen extra inkomsten kunnen verkrijgen van huurders die ‘scheefwonen’. Dit zijn de huurders die een te hoog inkomen hebben om in een niet geliberaliseerde huurwoning te wonen. Hierin past dat van verhuurders met gereguleerd bezit wordt gevraagd via de verhuurderheffing een bijdrage te leveren aan de grote budgettaire opgaven waar Nederland voor gesteld is.

Hierbij is het interessant dat het ministerie voor Wonen aan de hand van rechtspraak van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens heeft uitgezocht dat de verhuurderheffing een gerechtvaardigde inbreuk is op het recht op eigendom zoals neergelegd in artikel 1 van het eerste protocol van het EVRM.

Voor wie geldt de verhuurderheffing?
Verhuurders die meer dan 10 huurwoningen uit de sociale huursector verhuren, gaan met ingang van 1 januari 2014 opnieuw een heffing betalen over de WOZ-waarde van deze huurwoningen. Het gaat dus alleen om de huurwoningen met een huurprijs tot aan de liberalisatieprijs. De liberalisatiegrens per 1 januari 2014 is € 699,48.

Hoogte verhuurderheffing
De heffing wordt jaarlijks van de verhuurder geheven in de vorm van belasting. Het tarief is in 2014 gesteld op 0,381 % van de WOZ-waarde van de huurwoningen. Dit tarief loopt daarna verder op van 0,449% in 2015, tot 0,491% in 2016, en 0,536% in 2017. De hoogte van de verhuurderheffing is dus afhankelijk van het totaal aantal huurwoningen dat de verhuurder bezit, en het gemiddelde van de WOZ-waarde.

Heffingsvermindering
Bovendien geldt er nog een heffingsvermindering voor een drietal maatschappelijk urgente opgaven:

· de aanpak van de woningvoorraad in Rotterdam-Zuid;
· de sloop van woningen in de krimpgebieden (zoals Zuid-Limburg, Zeeuws-Vlaanderen en Noord-Oost Groningen);
· de transformatie van vastgoed met niet-woonfunctie naar woonfunctie.

De verhuurderheffing is volgens het kabinet dus een middel om meer inkomsten voor de staat te genereren, zodat zij de woningmarkt beter kan laten functioneren. De verhuurderheffing wordt in beginsel tot en met 2017 geheven. Om echter in de bezwaren van de Eerste Kamer tegemoet te komen, wordt het woonakkoord in 2016 geëvalueerd door de minister voor Wonen.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met mr. Anke Groffen, +31 40 23 80 604.

< Vorige

Volgende >

Spring naar toolbar