Curator behoudt bij niet gestand doen overeenkomst recht op nakoming van reeds aan koper geleverde prestaties ‐ koper kan schade wél verrekenen

Hoge Raad, 2 december 2016, ECLI:NL:HR:2016:2730.

Samenvatting:

X B.V. (“X”) heeft met verschillende kopers (“Kopers”) koop‐of aannemingsovereenkomsten gesloten voor de bouw van woningen. De woningen zijn verkocht met een waarborg‐ en garantieregeling, uitgevoerd door Woningborg N.V. (“Woningborg”). Op grond van de aannemingsovereenkomsten is de eerste termijn van 20% van de aanneemsommen verschuldigd ‘na het gereedkomen van de ruwe begane grondvloer’. Nadat de ruwe begane grondvloeren zijn gelegd ‐ maar voordat de facturen aan Kopers zijn verzonden ‐ gaat X failliet. Na het faillissement spreken de Kopers Woningborg aan uit hoofde van de verstrekte waarborg‐ en garantieregeling. Woningborg heeft namens de Kopers aan de curator een termijn ex art. 37 Fw gesteld. De curator geeft aan de overeenkomsten niet gestand te zullen doen. Vervolgens hebben Woningborg en de Kopers afbouwovereenkomsten gesloten met een andere aannemer, waarbij is overeengekomen dat de Kopers ieder de eerste termijn van hun oorspronkelijk met X overeengekomen aanneemsom aan Woningborg zullen voldoen en dat Woningborg de Kopers zal vrijwaren voor aanspraken van de curator. De curator vordert in dit geding van de Kopers betaling van de eerste termijn van de met X overeengekomen aanneemsom op grond van ‐ onder meer ‐ nakoming van de aannemingsovereenkomsten. In cassatie richten de onderdelen van Kopers zich tegen de oordelen van het hof dat:

(i.) art. 37 Fw zo moet worden uitgelegd dat het verbod om nakoming te vorderen geen betrekking heeft op de vordering tot nakoming van de tegenprestatie waarvoor de failliet vóór de faillietverklaring de prestatie al heeft verricht; en

(ii.) Kopers geen beroep op verrekening ex art. 53 Fw toekomt nu Kopers niet aannemelijk hebben gemaakt dat zij schade hebben geleden, geen omzettingsverklaring noch een verrekeningsverklaring hebben uitgebracht en de schadevergoedingsvordering niet ter verificatie hebben ingediend.

Klik hier voor de gehele publicatie van 3 december 2016 in Wolters Kluwer SmartNewz.

Pim van de Goor ‐ Holla Advocaten

< Vorige

Volgende >

Spring naar toolbar