Bestuurder en gelieerde vennootschap aansprakelijk jegens de gezamenlijke schuldeisers

Rechtbank Rotterdam, 10 augustus 2016, ECLI:NL:RBROT:2016:6241 ‐ Op SmartNewz sinds: 19 augustus 2016

Gedaagde 1 (“Bestuurder”) was bestuurder van gefailleerde. Gefailleerde heeft in 2009 alle aandelen in Hypotheek Randstad gekocht van bedrijven X en Y, die vervolgens zijn overgedragen aan de echtgenote van Bestuurder (“Echtgenote”). Nadat tussen gefailleerde en bedrijven X en Y een geschil is ontstaan over een deel van de koopprijs van voormelde aandelen, is gefailleerde bij uitvoerbaar bij voorraad verklaard vonnis van februari 2014 veroordeeld tot betaling van die koopprijs. Daar gefailleerde niet aan het vonnis voldeed, hebben X en Y op 14 oktober 2014 het faillissement aangevraagd. Het faillissement is op 4 december 2014 uitgesproken. De aangestelde curator is van mening dat: (i.) Bestuurder ‐ wegens het niet‐tijdig deponeren van de jaarrekening ‐ zijn taak onbehoorlijk heeft vervuld en hoofdelijk aansprakelijk is voor het tekort in de boedel ex art. 2:248 BW; (ii.) de overname van een vordering van Echtgenote op gefailleerde door Hypotheek Randstad niet rechtsgeldig heeft plaatsgevonden ex art. 3:94 lid 1 BW; (iii.) betaling van gefailleerde van de schulden die voortvloeiden uit de rekeningcourantverhouding met Hypotheek Randstad vernietigbaar zijn op grond van artikel 47 Fw; en (iv.) Hypotheek Randstad niet gerechtigd was tot verrekening van vorderingen ‐ die overgenomen waren van een bv van Bestuurder ‐ omdat zij niet te goeder trouw was (art. 54 Fw).

De rechtbank:

Ad i.) nu er geen aanvaardbare verklaring is gegeven voor de termijnoverschrijding van twee maanden, is de rechtbank van oordeel dat Bestuurder zijn taak onbehoorlijk heeft vervuld. Bestuurder heeft het vermoeden dat dit een belangrijke oorzaak van het faillissement is niet weerlegd. Bestuurder wordt veroordeeld tot betaling van het tekort in de boedel.

Ad ii.) De overname van de vordering ‐ en de daaropvolgende verrekening in rekening‐courant met gefailleerde ‐ heeft rechtsgeldig plaatsgevonden. Het is niet ongebruikelijk de rekening‐courantverhoudingen die een vennootschap heeft met bij haar betrokken (rechts‐)personen boekhoudkundig te schonen.

Ad iii.) Bestuurder heeft Hypotheek Randstad naar het oordeel van de rechtbank bewust en opzettelijk bevoordeeld boven de andere schuldeisers. Gelet op de omstandigheid dat Bestuurder van beide vennootschappen bestuurder is, is aan de vereiste van samenspanning van art. 47 Fw ‐ de vorderingen waren ex art. 6:38 BW terstond opeisbaar ‐ voldaan.

Ad iv.) Hypotheek Randstad is niet bevoegd tot verrekening van de van overgenomen vordering omdat zij bij die overneming niet te goeder trouw heeft gehandeld in de zin van art. 54 Fw. Hypotheek Randstad heeft zich ten koste van de overige schuldeisers bevoordeeld omdat gefailleerde door die verrekening niet langer de mogelijkheid had haar vordering op een bv van Bestuurder te innen.

Dirk de Jong ‐ Holla Advocaten

Klik hier voor de gehele publicatie van 19 augustus 2016 in Wolters Kluwer SmartNewz

< Vorige

Volgende >

Spring naar toolbar