Wetswijziging curatele, beschermingsbewind en mentorschap

Met ingang van 1 januari 2014 is het Wetsvoorstel wijziging bepalingen curatele, beschermingsbewind en mentorschap (gedeeltelijk) in werking getreden. De wetswijziging verbetert in Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek de regels voor curatele en onderbewindstelling ter bescherming van en mentorschap ten behoeve van kwetsbare volwassenen, aldus de toelichting van de wetgever.

De gedachte achter de wetswijziging is dat mensen die niet goed meer voor zichzelf kunnen zorgen, nog beter beschermd moeten worden. Met de (gedeeltelijke) inwerkingtreding van de wetswijziging is verkwisting niet langer een grond voor curatele en wordt dit samen met het hebben van problematische schulden een grond voor beschermingsbewind.

Daarnaast wordt drugsmisbruik een grond voor ondercuratelestelling. Verder is van belang dat uitbreiding plaatsvindt van de kring van personen die om instelling of opheffing van een beschermingsmaatregel kunnen verzoeken. Zo kunnen ook zorginstellingen vanaf 1 januari 2014 een verzoek tot instelling van een beschermingsmaatregel bij de kantonrechter indienen. Voorheen was dat niet mogelijk. Daarnaast kunnen rechtspersonen nu ook tot curator worden benoemd. Een direct betrokken of behandelend hulpverlener kan echter niet als curator worden benoemd.

De gewijzigde wet bepaalt tevens dat de curator, bewindvoerder en mentor aan bepaalde kwaliteitseisen moeten voldoen. Deze eisen moeten in een aparte regeling worden vastgelegd. Het is nog niet bekend wanneer deze kwaliteitseisen in werking treden.

Voor meer informatie over de wetswijziging, kunt u contact op met mr. Geeske van Campen, +31 73 61 61 100.

< Vorige

Volgende >

Spring naar toolbar