Wet doorstroming

Wet doorstroming huurmarkt 2015

Op 1 juli 2016 is de ‘Wet doorstroming huurmarkt 2015’ in werking getreden. Advocaat Nina van Wylick, van de BU Overheid & Vastgoed, bespreekt de stand van zaken.

Kortdurende huurovereenkomsten

Sinds de inwerkingtreding van de Wet doorstroming huurmarkt 2015 is het mogelijk om met betrekking tot woonruimte kortdurende huurovereenkomsten voor bepaalde tijd te sluiten.

Op grond van artikel 7:271 lid 1 BW is het mogelijk om voor een zelfstandige woonruimte een tijdelijke huurovereenkomst voor een periode van maximaal twee jaar aan te gaan. In de huurovereenkomst moet expliciet worden opgenomen voor hoe lang de huurovereenkomst wordt aangegaan. Voor onzelfstandige woonruimte geldt een maximale duur van vijf jaar.

De huurovereenkomsten voor bepaalde tijd eindigen van rechtswege aan het einde van de overeengekomen termijn, zonder dat daartoe opzegging is vereist. De verhuurder dient de huurder enkel schriftelijk te informeren dat de huurovereenkomst op de afgesproken datum eindigt. Dit bericht dient maximaal drie maanden en uiterlijk één maand voordat de huurovereenkomst eindigt aan de huurder te worden verzonden. Wanneer de huurder niet (tijdig) door de verhuurder wordt geïnformeerd over het naderende einde van de huurovereenkomst ontstaat een huurovereenkomst voor onbepaalde tijd en heeft de huurder volledige huurbescherming.

Tussentijdse opzegging van een dergelijke huurovereenkomst voor bepaalde tijd is voor de huurder mogelijk tegen een voor de betaling van de huurprijs overeengekomen dag. Deze opzegbevoegdheid kan in de huurovereenkomst niet worden uitgesloten of beperkt. Een dergelijke contractuele bepaling is van rechtswege nietig.

Wanneer de huurder na het verstrijken van de overeengekomen termijn van twee jaar of korter in de woning blijft zitten, geldt dat sprake is van een huurovereenkomst voor onbepaalde tijd met de bijbehorende huurbescherming. Dat geldt ook wanneer huurder en verhuurder na verloop van de overeengekomen termijn van twee jaar of korter een nieuwe huurovereenkomst sluiten. Een dergelijke huurovereenkomst geldt alsdan voor onbepaalde tijd.

Toegelaten instellingen en huurovereenkomsten voor bepaalde tijd

Het is een woningcorporatie, zijnde een toegelaten instelling,  op grond van artikel 48 lid 1 Woningwet niet toegestaan overeenkomsten voor bepaalde tijd van maximaal twee jaar af te sluiten met betrekking tot de sociale huurwoningen (‘DAEB-woningen’).

Dit verbod voor toegelaten instellingen geldt echter niet wanneer de toegelaten instelling een sociale huurwoning tijdelijk wil verhuren aan specifieke, bij ministeriële regeling, aangewezen groepen.

Deze doelgroepen zijn nader gespecificeerd in artikel 22a van de Regeling toegelaten instellingen volkshuisvestiging 2015. Tot deze speciale doelgroepen behoren:

  • huurders die voor hun werk of studie tijdelijk in een andere gemeente binnen Nederland of afkomstig vanuit het buitenland in Nederland werken of studeren;
  • huurders die in verband met renovatie of sloop als bedoeld in artikel 7:220, tweede lid, van het Burgerlijk Wetboek, gevolgd door vervangende nieuwbouw, hun woonruimte moeten verlaten en tijdelijk andere woonruimte moeten betrekken;
  • huurders die afkomstig zijn uit maatschappelijke opvang als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, of huurders in een sociale noodsituatie met een aantoonbaar urgente huisvestingsbehoefte; en
  • huurders met wie de toegelaten instelling een tweede of laatste kans-huurovereenkomst aangaat of huurders met wie een tijdelijke huurovereenkomst gecombineerd met begeleiding als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 wordt afgesloten.

Kortom, het is sinds 1 juli 2016 – ook in de zorg – mogelijk tijdelijke huurovereenkomsten te sluiten. Deze huurovereenkomsten moeten echter aan bepaalde vereisten voldoen. Indien u een dergelijke huurovereenkomst wenst te sluiten, win dan in ieder geval juridisch advies in.

< Vorige

Volgende >

Spring naar toolbar