Tax alert: Kent u de OndernemersCheck al?

OndernemersCheck

Voordat wordt toegekomen aan de heffing op inkomen moet er volgens de wet eerst sprake zijn van een bron van inkomen, waarna je gaat kijken wat voor soort bron het is. Dit gebeurt aan de hand van drie vragen:

  1. Neemt de persoon deel aan het economisch verkeer?
  2. Beoogt de persoon er per saldo en voordeel mee te halen?
  3. Is het realistisch dat dit voordeel kan worden behaald?

Als er een bron van inkomen is kan het loon zijn, of winst uit onderneming, of resultaat uit overig werk (“ROW”). Als iemand wil beoordelen of het resultaat van zijn ondernemende activiteiten als winst gezien kan worden, kan hij de OndernemersCheck doen. Die helpt bepalen of hij ondernemer is voor de inkomstenbelasting.”  Hier treft u de link aan naar deze ondernemerscheck.

Verschil IB-ondernemer en BTW-ondernemerschap

In de praktijk gaat het vaak als volgt. Iemand denkt: ‘Ik ga een bedrijf beginnen’ en meldt zich bij de Kamer van Koophandel. Deze persoon is volgens zijn eigen begrip een ondernemer, hij presenteert zich als ondernemer in het maatschappelijk verkeer en hij voelt zich ondernemer. Ook de inschrijving bij de Kamer van Koophandel kan hem in dit beeld bevestigen. Maar of deze persoon ook ondernemer is in de fiscale zin van het woord, blijft de vraag. Voor btw en IB gelden voor het ondernemerschap verschillende criteria. Voor het ondernemerschap bij de btw is het criterium dat iemand ‘regelmatig’ deelneemt aan het economisch verkeer. ‘Regelmatig’ kan in principe al eens per jaar zijn, los van de activiteiten in de hobby- en familiesfeer. Je hoeft bij de btw ook niet per saldo een voordeel te halen: als je een meer dan symbolische vergoeding terugkrijgt, is dat al oké. Ondernemer voor de btw ben je dus al heel snel.

Voor de inkomstenbelasting (IB) moet het ondernemerschap duurzaam zijn. Je moet duurzaam, gedurende een langere periode, deelnemen aan het economisch verkeer. En per saldo moet je een positief resultaat – winst dus – behalen. Daarnaast zijn de mate van zelfstandigheid en ondernemersrisico van belang. Pas als je aan deze voorwaarden voldoet, wordt je resultaat gezien als winst en kun je fiscale faciliteiten van het IB-ondernemerschap claimen, zoals mkb-winstvrijstelling. Voor de zelfstandigenaftrek of de startersaftrek geldt bovendien dat je per kalenderjaar ten minste 1.225 uur aan je eigen bedrijf moet hebben gewerkt

Let op! Er geldt een versoepeling van het urencriterium door Corona. Door de coronacrisis kan een ondernemer in 2020 wellicht niet aan het urencriterium voldoen. Om dit risico te beperken, u voor uw aangifte inkomstenbelasting voor de periode van 1 maart 2020 tot en met 30 september 2020 ervan uitgaan dat ten minste 24 uur per week aan de onderneming is besteed. Ook als dat feitelijk niet zo is. Voor het tot 800 uur verlaagde urencriterium voor startende ondernemers geldt dat in die periode ten minste 16 uur per week aan de onderneming is besteed.In de OndernemersCheck is geprobeerd al deze voorwaarden bij elkaar te brengen. Hierbij maken we wel meteen de kanttekening dat de Ondernemerscheck niet is ingericht om rekening te houden met bijzondere situaties. In zijn algemeenheid kun je zeggen: ondernemer voor de btw ben je eigenlijk heel snel. Maar, dat wil nog niet zeggen dat je ondernemer bent voor de inkomstenbelasting.

Hierdoor gaat het ook vaas mis bij de inkomstenbelasting “Winst uit onderneming” aangifte. Jaarlijks corrigeert de Belastingdienst voor vele miljoenen aan onterecht toegepaste zelfstandigen- en startersaftrek. Een zelfstandige moet in zijn aangifte kiezen: geeft hij zijn inkomensbron aan als resultaat uit overige werkzaamheden of als winst uit onderneming? Als hij of zij  deze criteria onvoldoende kent maar zich wél realiseert welke fiscale voordelen verbonden zijn aan ‘winst uit onderneming’, dan is de kans zeer aanwezig dat het mis gaat.

Een gerelateerde fout is dat een zelfstandige voor het urencriterium studie-uren meetelt voor een studie die geen relatie heeft met het doel van de onderneming. De zelfstandige verhoogt dan ten onrechte het aantal uren voor het urencriterium en claimt daardoor ten onrechte allerlei aftrekposten zoals de zelfstandigenaftrek.

Wat je verder ziet is dat veel zelfstandigen zelf hun aangifte doen, terwijl ze niet alle fiscale ins en outs kennen. Dat kan wel eens tot misvattingen leiden. Een woord als representatiekosten heeft bijvoorbeeld voor een leek een andere betekenis dan de fiscale betekenis. Een zelfstandige zal zeggen: ‘Ik moest voor mijn bedrijf ergens heen en heb daarvoor een pak gekocht, dat zijn kosten en die trek ik dus af’. De wetgever zegt: ‘Nee, het zijn pas representatiekosten als het pak voldoet aan een aantal eisen’. Bijvoorbeeld: er moet een logo opstaan van ten minste 70 cm2.

Omdat wij de juridische achtergrond hiervan kennen kunnen wij u wel attenderen en adviseren omtrent de fiscale achtergrond om problemen te voorkomen