Sterilisatie bij minderjarige

Tarief sterilisatie minderjarige jongen zo afwijkend dat ziekenhuis ouders en patiënt hadden moeten informeren

De ouders van een 15-jarige jongen met het syndroom van Down hebben bij het ziekenhuis om sterilisatie van de jongen verzocht.

Op 9 maart 2016 hadden de jongen en zijn ouders in dat kader een afspraak met een van de urologen van het ziekenhuis. Besproken is dat de sterilisatie onder algehele narcose zou worden gedaan, hetgeen een opname van een dag van de jongen zou betekenen. Op 13 april 2016 is bij de jongen de sterilisatie verricht. Op 23 juni 2016 hebben de ouders een factuur van € 2.393,80 voor de verrichte sterilisatie ontvangen. De ouders waren echter in de veronderstelling dat de kosten € 500,- zouden bedragen, hetgeen het bedrag is dat doorgaans voor een sterilisatie in rekening wordt gebracht. Het ziekenhuis en de ouders zijn er niet uit gekomen.

De ouders hebben het geschil daarom voorgelegd aan de Geschillencommissie Ziekenhuizen.

De Geschillencommissie heeft ter beoordeling vooropgesteld dat ziekenhuizen in beginsel alleen informatie over de tarieven hoeven te verstrekken wanneer deze tarieven rechtstreeks met de patiënt worden verrekend en/of wanneer de patiënt daarom vraagt. In het onderhavige geval deed geen van beide situaties zich voor. Op dit punt viel het ziekenhuis dus geen verwijt te maken. Desondanks was de Geschillencommissie van oordeel dat het ziekenhuis in het specifieke geval wel zijn informatieplicht had geschonden. Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting was genoegzaam komen vast te staan dat andere ziekenhuizen voor een sterilisatie van een man gemiddeld een bedrag van € 500,- in rekening brengen. Daarnaast bedroeg volgens de passantenprijslijst van het ziekenhuis (te vinden op de website van het ziekenhuis) de kosten van een sterilisatie van een man per 1 januari 2016 € 425,-.

Hoewel de Geschillencommissie niet bevoegd is om een oordeel te geven over de hoogte van het door het ziekenhuis in rekening gebrachte tarief, achtte de Geschillencommissie het tarief van bijna € 2.400,- dusdanig afwijkend ten opzichte van de gangbare tarieven bij andere ziekenhuizen en haar eigen passantentarief, dat het op de weg van het ziekenhuis had gelegen om de cliënt hierover te informeren, zo oordeelde zij. Dit te meer nu het ziekenhuis expliciet had verklaard dat het voor het in rekening te brengen tarief geen verschil maakt of een man minderjarig dan wel meerderjarig is en of het een poliklinische dan wel klinische behandeling betreft, waardoor de grote afwijking feitelijk niet is te verklaren.

Slotsom was dat het ziekenhuis tekort was geschoten in zijn verplichting om de patiënt te informeren en aansprakelijk is voor de daardoor geleden schade. De Geschillencommissie stelde in haar bindend advies vast dat van het depotbedrag van € 2.393,80 een bedrag van € 1.893,80 moest worden betaald aan de patiënt en dat een bedrag van € 500,- moest worden overgemaakt aan het ziekenhuis.

Lees hier de uitspraak.

Rolinka Wijne, Wetenschappelijk Bureau

< Vorige

Volgende >

Spring naar toolbar