Proces Adrian Mutu

Is Adrian Mutu uitgespeeld?  

Er lijkt maar geen einde te komen aan een van de bekendste en meest langslepende procedures uit het voetbal. Adrian Mutu, de Roemeense oud-voetballer, heeft ook bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens nul op rekest gekregen. Dit betekent dat Mutu uit eigen zak een boete van 17 miljoen dient te betalen aan zijn oude werkgever Chelsea FC. Hoe wordt geoordeeld over de onpartijdigheid en onafhankelijkheid van het CAS en is Mutu zowel letterlijk als figuurlijk uitgespeeld? U leest het in dit artikel.

De procedure in Engeland
In oktober 2004, inmiddels zo’n vijftien jaar geleden, wordt bekend dat Chelsea-speler Mutu bij een onaangekondigde drugstest is betrapt op het gebruik van cocaïne. Een opgelegde schorsing van zeven maanden volgt en Chelsea ontslaat de speler. Ondanks dat de schorsing op dat moment nog niet is afgelopen, vertrekt Mutu in januari 2005 naar Livorno. Overigens niet voor lang, want hij staat daar slechts enkele dagen onder contract, alvorens Juventus hem van Livorno overneemt.[1]

Mutu vecht in april 2005 zijn ontslag bij Chelsea aan bij de ‘Football Association Premier League Appeals Committee’ (hierna: de FAPLAC). De FAPLAC is echter van mening dat de speler in strijd heeft gehandeld met zijn contract en stelt dat sprake is van een contractbreuk door Mutu ‘without just cause’. Een contractbreuk ‘without just cause’ is in beginsel niet toegestaan. Een ‘just cause’ houdt kortgezegd in dat wanneer een speler dan wel een club een contract vroegtijdig wil beëindigen, dit in beginsel alleen kan op het moment dat daar gerechtvaardigde redenen voor zijn.[2] Een contractbreuk door een speler als gevolg van het gebruik van cocaïne valt niet onder deze gerechtvaardigde redenen.

De procedure in Europa
Mutu gaat in beroep tegen de beslissing van het FAPLAC bij het ‘Court of Arbitration for Sport’ (hierna: CAS).[3] Beide partijen, zowel Mutu als Chelsea, zijn het er over eens dat de partij die een contract schendt in beginsel gehouden is de andere partij schadeloos te stellen. Mutu stelt echter dat uit artikel 17 FIFA Regulations on the Status and Transfer of Players (hierna: FIFA RSTP) [4] volgt dat de bepaling slechts van toepassing is als een speler zijn contract zelf (ten onrechte) beëindigt. Gezien het feit dat Chelsea zijn contract beëindigt – en dus niet Mutu zelf – zou deze bepaling niet voor hem gelden.[5] Het CAS oordeelt dat er geen verschil is tussen zelf je contract (ten onrechte) beëindigen, of het met een gerechtvaardigde reden door de club verbroken zien worden vanwege (een) serieuze overtreding(en) waar jij nota bene zelf de schuldige van bent.[6] Mutu is zodoende aansprakelijk volgens het CAS.

Chelsea wil schadeloos worden gesteld en klopt vervolgens op de deur bij de FIFA Dispute Resolution Chamber (hierna: DRC).[7] Een uitspraak van de DRC volgt: Mutu dient een bedrag van ongeveer 17 miljoen euro te betalen aan Chelsea. Mutu gaat (opnieuw) in beroep tegen de beslissing van de DRC bij het CAS, maar het CAS houdt de beslissing aan.[8]

Mutu gooit het vervolgens over een andere boeg en gaat in appèl bij de Swiss Federal Tribunal (het Zwitserse hooggerechtshof). Deze instantie bekijkt de feiten en omstandigheden niet inhoudelijk, maar toetst – net als de Hoge Raad – alleen de procedurele en formele aspecten. Mutu stelt zich op het standpunt dat het CAS partijdig en niet onafhankelijk is.[9] CAS-arbiter D. Martens had al eerder een CAS-zitting voorgezeten waar dezelfde partijen een geschil hadden. Daarnaast zou de voorzitter van het panel, de heer L. Fumagalli, partner zijn van een advocatenkantoor dat de belangen van Chelsea-baas Abramovich vertegenwoordigt. Het Zwitserse hooggerechtshof wijst de vorderingen van Mutu af.

Chelsea wil geld zien     
Aangezien Mutu de 17 miljoen euro niet betaalt en een dergelijk groot bedrag naar alle waarschijnlijkheid ook niet zal kunnen betalen, probeert Chelsea de schade via een andere weg te verhalen:[10] Juventus en Livorno worden hoofdelijk aansprakelijk gesteld bij de DRC op grond van het toenmalige artikel 14 lid 3 FIFA RSTP.[11] Door het daaropvolgende beroep van Livorno en Juventus komt de zaak voor de vierde(!) keer bij het CAS terecht.[12] Het CAS oordeelt, anders dan de DRC, dat Juventus en Livorno niet aansprakelijk kunnen worden gesteld, aangezien zij niks te maken hadden met de contractuele schending die Chelsea aanvoerde jegens Mutu. Door een ander oordeel zou het vrij verkeer van werknemers in het geding komen en dat is precies wat sinds het Bosman-arrest dient te worden voorkomen.

Laatste kans      
Vorige maand stond Mutu tegenover het Europese Hof voor de rechten van de Mens (hierna: EHRM). Daar beroept de voetballer zich op artikel 6 lid 1 van het Europees Verdrag Rechten van de Mens (hierna: EVRM). De twijfels omtrent de onpartijdigheid en onafhankelijkheid van twee arbiters in zijn zaak zijn opnieuw het onderwerp van geschil.[13] Ondanks dat de feiten in de zaken hetzelfde zijn, zijn beide juridische kwesties anders, waardoor de twijfels omtrent de onpartijdigheid en onafhankelijkheid van arbiter Martens niet zijn gerechtvaardigd.[14]Met betrekking tot het oordeel over de andere arbiter, de heer L. Fumagalli, ziet het EHRM geen reden om de mening van de federale rechter op dit punt te veranderen.

Onpartijdig en onafhankelijk?
Saillant detail is dat in dezelfde uitspraak een soortgelijke zaak wordt behandeld door het EHRM. Schaatster Claudia Pechstein focust zich in deze procedure op de structurele problemen omtrent de onafhankelijkheid en onpartijdigheid van het CAS.[15] Dit in tegenstelling tot Mutu die wél de onafhankelijkheid en onpartijdigheid aan de orde stelt, maar dit specifiek op zijn zaak betrekt. Het EHRM erkent in de zaak Pechstein dat sprake is van een disproportionele invloed vanuit de sportbonden op het selectiemechanisme van het CAS.[16] Het EHRM oordeelt vervolgens dat de lijst in deze zaak is samengesteld uit arbiters die niet konden worden beschouwd als afhankelijk of partijdig ten opzichte van de bonden. Deze beslissing van het EHRM is echter niet unaniem. Twee van de zeven rechters bij het EHRM stellen in ‘de opinion commune’ dat zij van mening zijn dat de onafhankelijkheid en onpartijdigheid van het CAS ‘ernstige vragen over de uitlegging of toepassing van het verdrag’ in de zin van artikel 43 lid 2 EVRM oproepen.[17] Zij stellen dat de structuur van het CAS niet aan de eisen van onafhankelijkheid en onpartijdigheid, zoals bepaald in artikel 6 lid 1 EVRM, hebben voldaan.[18]

Ondanks de beoordeling van het EHRM zou (voor beide zaken) de procedure nog steeds een vervolg kunnen krijgen. Het EHRM vermeldt namelijk in het begin van zijn uitspraak dat op basis van artikel 44 lid 2 EVRM nog steeds de gang naar de Grote Kamer openstaat. Mutu lijkt, ondanks de mogelijkheid om nog naar de Grote Kamer te gaan, zijn troefkaarten te hebben verspeeld. Over de mogelijke problemen omtrent de structurele onpartijdigheid en onafhankelijkheid van het CAS is het laatste woord waarschijnlijk nog niet gesproken. Een grote hervorming van het CAS is iets waar (opnieuw) over nagedacht zal worden…

Jaimy Vanenburg

[1] Juventus heeft op het moment dat ze Mutu willen vastleggen te veel ‘non-EU’-spelers (Roemenië was in 2004 nog geen lid van de EU). Er werd een constructie bedacht waarbij Mutu eerst transfereert naar Livorno en vervolgens, op het moment dat Juventus wel aan de vereisten kan voldoen, is hij alsnog getransfereerd naar Juventus.

[2] Artikel 14 FIFA RSTP. Meer hierover in ‘wijzigingen FIFA RSTP’.

[3] Een onafhankelijk internationaal sportinstituut dat sportgeschillen door middel van arbitrage oplost.

[4] Toentertijd nog artikel 21 FIFA RSTP.

[5] CAS 2005/A/876 Mutu vs. Chelsea FC.

[6] CAS 2005/A/876 Mutu vs. Chelsea FC, p. 1.

[7] Een instantie van FIFA op het gebied van arbitrage en geschilbeslechting. Op grond van artikel 24 FIFA RSTP oordeelt de DRC over de gevallen beschreven in artikel 22 a,b,d & e FIFA RSTP; Na eerst afgewezen te zijn ‘omdat er geen jurisdictie was om hier een vergoeding voor toe te kennen’, verwerpt het CAS deze beslissing en wordt de zaak terugverwezen naar de DRC (zie CAS 2006/A/1192 Mutu vs. Chelsea).

[8] CAS 2008/A/1644 Mutu vs. Chelsea.

[9] Twee van de drie arbiters van het tribunaal zouden volgens hem partijdig zijn.

[10] Dat hij niet zou kunnen betalen, herhaalde Mutu meerdere keren in de media.

[11] Tekst van het toenmalige artikel 14 lid 3 FIFA RSTP (uit 2001): ‘If a player is registered for a new club and has not paid a sum of compensation within the onemonth time limit referred to above, the new club shall be deemed jointly responsible for payment of the amount of compensation’. Helaas is deze uitspraak van de DRC niet gepubliceerd, waardoor de beweegredenen achter dit oordeel niet uiteengezet kunnen worden.  

[12] DRC 7 oktober 2013 (Niet gepubliceerd).

[13] In beginsel wordt voor dergelijke geschillen de ‘IBA Guidelines on Conflicts of Interest in International Arbitration’ gebruikt.

[14] EHRM 2 oktober 2018, nr. 40575/10 & 67474/10, r.o. 165 (Mutu & Pechstein/Zwitserland).

[15] Voor het eerdere verloop in deze zaak, lees: J. Vanenburg, ‘De Pechtstein-saga: is het einde in zicht?’, TvS&R 2016(1/2), p. 8 – 14.

[16] De arbiterlijst wordt samengesteld door het ICAS (het bestuursorgaan van het CAS). Het ICAS bestaat uit twintig leden: twaalf van de leden van het CAS worden door de bonden bepaald en slechts vier door vertegenwoordigers van atleten. Deze zestien leden kiezen vervolgens de laatste vier leden.

[17] EHRM 2 oktober 2018, nr. 40575/10 & 67474/10, r.o. 28 van Opinion commune (Mutu & Pechstein/Zwitserland).

Jaimy Vanenburg

< Vorige

Volgende >

Spring naar toolbar