Hoe kom ik aan geheime documenten? Over de verhouding tussen de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) en artikel 843a Rv.

In geschillen waarbij de overheid is betrokken hebben partijen regelmatig het vermoeden dat de overheid over informatie beschikt die van belang is of kan zijn voor de beoordeling van de zaak. Het probleem is echter: hoe komen partijen aan die informatie? Veel beproefde mogelijkheden zijn (1) het doen van verzoek in het kader van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) en (2) het instellen van een zogenaamde incidentele vordering op grond van artikel 843a Rv. In het onderstaande zal ik ingaan op de verhouding tussen beide instrumenten om aan informatie te komen.

 Ik begin met een voorbeeld uit de praktijk om één en ander te verduidelijken. De volgende zaak heeft gespeeld bij het Gerechtshof Amsterdam (ECLI:NL:GHAMS:2011:CA3541). Een B.V. verkocht zijn bedrijfscomplex aan de gemeente. Na het sluiten van de overeenkomst bleek dat de bodem en het grondwater onder het complex zeer ernstig verontreinigd waren. De gemeente startte een civiele procedure en vorderde daarin schadevergoeding op grond van onrechtmatige daad. De ondernemer verweerde zich en wenste documenten van de gemeente te verkrijgen waaruit zou moeten blijken dat de gemeente geen schade heeft geleden.

Stel de ondernemer dient een verzoek in bij de gemeente op grond van de Wob. Helaas: openbaarmaking van (delen van) de documenten wordt geweigerd omdat artikel 10 en/of 11 van de Wob aan openbaarmaking in de weg zouden staan. Dit is bijvoorbeeld het geval indien de gevraagde informatie bedrijfs- of fabricagegegevens bevat, die vertrouwelijk aan de overheid zijn meegedeeld. Goed nieuws: delen van e-mails, brieven, gespreksverslagen, nota’s etc. zijn wel openbaar gemaakt. De ondernemer die het Wob-verzoek heeft gedaan is daarmee te weten gekomen dat de gemeente en/of een derde partij (bijv. een concurrent van de ondernemer) over documenten beschikt die belangrijk zijn voor de beoordeling van zijn zaak.

De ondernemer kan de documenten dan in een civiele procedure opvragen via artikel 843a Rv. Dit beroep op artikel 843a Rv is ondersteund door het Wob-verzoek. Een eis die bij artikel 843a Rv namelijk wordt gesteld is dat de documenten zo concreet mogelijk moeten worden omschreven. Om aan die eis te voldoen heeft het Wob-verzoek geholpen. De ondernemer kan de documenten namelijk beter afbakenen naar onderwerp, betrokken personen en tijdsperiode.

 Verder is het zo dat een beroep op artikel 843a Rv kan slagen ondanks een eerdere weigering tot openbaarmaking van de documenten in het kader van de Wob. Bij een vordering op grond van artikel 843a Rv gaat het namelijk om de toegang van een partij tot – naar haar mening – in die procedure relevante informatie, terwijl het in een Wob-procedure gaat om de aan ieder toekomende aanspraak op publieke openbaarheid.

De Rechtbank Haarlem overwoog op 11 november 2009 (ECLI:NL:RBHAA:2009:BK3259):

“In het onderhavige geval, waarin [A] ten behoeve van zijn concrete belangen in een civiele procedure, de beschikking wenst te krijgen over de marketingplannen, en waarin de hierna te bespreken maatregelen en voorwaarden met betrekking tot geheimhouding de vertrouwelijkheid van de gegevens waarborgen, in die zin dat de gegevens uitsluitend ten behoeve van de onderhavige procedure gebruikt mogen worden, brengt de weigering onder de WOB, welke immers betrekking heeft op een vele ruimere openbaarmaking, geen gewichtige redenen in de zin van artikel 843a Rv mee.”

Het opleggen van een geheimhoudingsplicht (waarmee het belang bij geheimhouding ondervangen wordt) voorkomt hier dat een weigering tot openbaarmaking in het kader van de Wob tot de conclusie leidt dat er sprake is van een gewichtige redenen in de zin van artikel 843a Rv.

Het Gerechtshof Amsterdam (ECLI:NL:GHAMS:2011:CA3541) gaf de partij van wie de stukken werden gevorderd het bevel om medewerking te verlenen aan het uitsluitend aan het Hof ter vertrouwelijke kennisneming verschaffen van de volledige inhoud van de betreffende stukken. Vervolgens zal het Hof aan de hand van een afweging van de belangen in de concrete omstandigheden van het geval beoordelen of de belangen die zijn aangevoerd voor het beroep op vertrouwelijkheid van de stukken zwaarder moet wegen dan het zwaarwegende maatschappelijke belang dat in rechte de waarheid aan het licht komt.

In beide zaken maakt de rechter gebruik van een “methode” waarmee het belang bij geheimhouding ondervangen kan worden. Via de gebruikmaking van deze methoden kan een vordering op grond van artikel 843a Rv slagen, ondanks het feit dat (delen van de) documenten niet openbaar zijn gemaakt met een beroep op artikel 10 en/of 11 van de Wob.

Uit het bovenstaande volgen twee tips voor de praktijk:

  1. Onderzoek allereerst of het zinvol is om eerst een Wob-verzoek in te dienen alvorens een vordering op grond van artikel 843a Rv in te stellen;
  2. Indien (delen van) de informatie wordt geweigerd in het kader van de Wob, doe in de civiele procedure een beroep op de “methoden” waarmee het belang bij geheimhouding ondervangen kan worden, zodat een beroep op artikel 843a Rv kan slagen.

Jack van Beers

< Vorige

Volgende >

Spring naar toolbar