Belastingen versus privacy

De Belastingdienst heeft steeds minder inspecteurs aan het werk. Betekent dit dat de frequentie en intensiteit van belastingcontroles afneemt? Zeker niet; de Belastingdienst is essentieel voor het vergaren van inkomsten voor de Staat der Nederlanden en omarmt nieuwe controle-strategieën via het gebruik van big data. Wat houden deze strategieën in? Wat betekent dit voor bedrijven? Hoe zit het met het recht op privacy? Antwoorden op deze vragen zijn nu actueler dan ooit. In de uitzending van Zembla van 1 februari jl. werd duidelijk dat de gegevens van belastingplichtigen tussen 2013 en 2016 niet voldoende waren beveiligd. Wie op welk moment toegang had tot de verzamelde gegevens werd niet – of in ieder geval onvoldoende – gecontroleerd; de kans op misbruik van deze gegevens ligt daarmee op de loer.

De hoeveelheid gegevens waarover de Belastingdienst anno 2017 beschikt groeit exponentieel; van kentekenregistraties door de politie en gegevens van Marktplaats tot en met informatie uit het buitenland in het kader van de zogenoemde Offshore Leaks, denk hierbij aan de Panama Papers. In principe is er niets op tegen dat de Belastingdienst informatie verzamelt, zij heeft namelijk als taak het heffen en innen van belastingen en kunnen deze taak alleen uitvoeren op basis van voldoende (financiële) informatie.

Veel burgers en bedrijven maken zich echter terecht zorgen over hun privacy, vooral omdat is gebleken dat deze gegevens ook voor andere partijen dan de Belastingdienst toegankelijk kunnen zijn. Wat als deze gegevens in handen vallen van commerciële partijen? Daarnaast is het de vraag of de grenzen die de Belastingdienst zichzelf oplegt, voldoende zijn. Het is namelijk onduidelijk welke grenzen er zijn aan de informatievoorsprong van de Belastingdienst door het koppelen van gegevens uit allerlei databases. De algoritmen en methoden die de Belastingdienst gebruiken zijn nauwelijks transparant of navolgbaar voor burgers en het lijkt erop dat de Belastingdienst dit zo wil houden. Tevens moet er voor gewaakt worden dat een op big data gebaseerde handhavingsstrategie zichzelf niet versterkt. Dat kan juist leiden tot meer controle, toezicht en niet te doorgronden regels.

Hans Blokpoel, voormalig algemeen directeur van de Belastingdienst, sprak in een interview met de Correspondent uitgebreid over de nieuwe controlestrategieën op het gebied van big data waarbij termen als “datamining”, “intelligence” en “profiling” moeten leiden tot een betere handhaving. De Belastingdienst loopt hiermee wereldwijd voorop. Hans Blokpoel gaf aan dat hij het als een noodzakelijk kwaad ziet dat privacy hier soms onder komt te lijden. En hier wringt juist de schoen; de Belastingdienst bepaalt vooralsnog zelf welke strategieën de toetsen van proportionaliteit en subsidiariteit kunnen doorstaan. Vooral op het “profilen” van belastingbetalers valt het enige af te dingen.

De toekomst zal moeten uitwijzen waar de grens ligt en waarschijnlijk zullen deze grenzen eerder in de rechtspraak dan in wetgeving getrokken worden. In ieder geval staat vast, op basis van arresten van de Hoge Raad, dat de Belastingdienst niet onverkort toegang heeft tot fiscale due-diligence rapporten en adviezen opgemaakt door de fiscaal adviseurs van burgers en bedrijven.

 

< Vorige

Volgende >

Spring naar toolbar