Grensoverschrijdende incasso wordt eenvoudiger

Per 10 januari 2015 wordt de nieuwe EEX-Verordening (Verordening (EU) nr. 1215/2012) van toepassing in (bijna) alle lidstaten van de EU. De nieuwe EEX-Verordening vervangt de sinds 2002 van kracht zijnde EEX-Verordening (Verordening (EG) nr. 44/2001) en regelt op Europees niveau een aantal aspecten betreffende rechterlijke bevoegdheid en de erkenning en tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken in grensoverschrijdende kwesties binnen de EU.

Het doel van de EEX-Verordening is om grensoverschrijdende geschillenbeslechting minder tijdrovend en goedkoper te maken. In de oude EEX-Verordening is daartoe een belangrijke stap gezet: in een lidstaat gewezen uitspraken worden door de overige lidstaten erkend en kunnen, na een korte procedure in de aangezochte lidstaat te hebben doorlopen ter verkrijging van een ‘verklaring van uitvoerbaarheid’, in de andere lidstaten ten uitvoer worden gelegd. Zo’n procedure heet een exequatur-procedure. Uitgangspunt van die mini-procedure is dat de lidstaten er op vertrouwen dat in alle lidstaten op een rechtvaardige wijze recht wordt gesproken en dat er nog slechts getoetst wordt of er aan bepaalde formaliteiten is voldaan om over te kunnen gaan tot tenuitvoerlegging van de erkende uitspraak.

In de praktijk betekent dit dat wanneer men beschikt over een (bijvoorbeeld) in Polen gewezen uitspraak, en men wil deze uitspraak in Nederland ten uitvoer laten leggen, dat de Nederlandse rechter die Poolse uitspraak erkent, maar nog wel toestemming dient te verlenen voor tenuitvoerlegging van die uitspraak in Nederland.

De nieuwe EEX-Verordening gaat verder en schaft bovenvermelde mini-procedure voor het verkrijgen van toestemming voor tenuitvoerlegging af. Conform bovenstaand voorbeeld is het vanaf 10 januari 2015 mogelijk om een uitspraak die in een andere lidstaat is gewezen rechtstreeks in Nederland ten uitvoer te laten leggen. Andersom geldt ook dat een Nederlandse uitspraak voortaan zonder toestemming van de buitenlandse rechter in het buitenland ten uitvoer kan worden gelegd. Indien degene tegen wie de uitspraak ten uitvoer wordt gelegd meent dat er een grond is die in de weg staat aan tenuitvoerlegging van die uitspraak, dient hij zelf op te komen tegen tenuitvoerlegging.

Litispendentie

Een ander belangrijk onderwerp dat in de nieuwe EEX-Verordening wordt geregeld is de regeling die bepaalt dat een door partijen in een overeenkomst aangewezen rechter exclusief bevoegd is (tenzij anders is bepaald door partijen) om kennis te nemen van op de overeenkomst betrekking hebbende geschillen. Dit is van belang, nu er door procespartijen nog wel eens in verschillende lidstaten een procedure wordt gestart over feitelijk hetzelfde geschil. In dergelijke situaties geldt de regel dat de eerst aangezochte rechter éérst moest beslissen over zijn bevoegdheid om kennis te nemen van het geschil, en dat een rechter in een andere lidstaat zich pas daarna -in het geval van onbevoegdheid van die rechter- over het geschil mag buigen.

In de praktijk komt het daarom met enige regelmaat voor dat procedures worden gefrustreerd door toepassing van de zogenaamde torpedo-methode: het door een partij die een vordering van de tegenpartij ziet aankomen snel aanhangig maken van een geschil in een lidstaat waar gerechtelijke procedures traag verlopen, om zo een inhoudelijke beslissing over het geschil zo lang mogelijk uit te stellen. Die vertragingstactiek wordt met deze aanpassing van de EEX-Verordening deels voorkomen.

< Vorige

Volgende >

Spring naar toolbar