Franchise Facetten

Franchise Facetten; de Intertoys/Bart Smit-discussie is geen kinderspel

De winkelketens van zustervennootschappen Intertoys Holland BV (hierna: “Intertoys”) en Speelgoedpaleis Bart Smit BV (hierna: “Bart Smit”) worden samengevoegd. Dit betekent concreet dat in de loop van 2017 alle Bart Smit winkels worden omgebouwd tot Intertoys winkels, waardoor het exclusieve verzorgingsgebied van een aanzienlijk aantal Intertoys franchisenemers in het gedrang komt. Hierover wordt een discussie gevoerd, die grote gelijkenissen vertoont met een discussie binnen de Jumbo formule, naar aanleiding van haar overname van C1000 en de ombouw van de C1000 supermarkten tot Jumbo’s.

Achtergrond

Intertoys heeft met Van Nieuwkoop in augustus 2015 een franchiseovereenkomst gesloten. Voor de overname van bouwkundige voorzieningen en inventaris heeft Van Nieuwkoop aan Intertoys een overnamesom betaald van € 179.000,00.

Onderdeel van de franchiseovereenkomst is een exclusiviteitsbeding, dat – voor zover hier relevant – luidt: “Zonder toestemming van franchisenemer zal franchisegever aan derden het gebruik van het Intertoys systeem, zoals in deze overeenkomst geregeld, niet toestaan, noch zelf volgens het Intertoys systeem geëxploiteerde bedrijven stichten, noch zelf op enige andere manier franchisenemer concurrentie aandoen in het overeengekomen verzorgingsgebied. (…) Indien franchisegever in het verzorgingsgebied zoals hierboven is aangegeven een extra vestigingspunt wil vestigen, dient hij toestemming te verkrijgen van de franchisenemer die daar thans een Intertoys winkel exploiteert.“.

Eind augustus 2015 kwamen de eerste geluiden over een intensivering van de relatie tussen Intertoys en Bart Smit naar buiten. Een en ander zou echter geen gevolgen hebben voor de winkels. In de zomer van 2016 blijkt dit toch anders te liggen. Door de ombouw van Bart Smit winkels tot Intertoys winkels worden 22 franchisegebieden en 35 Bart Smit winkels geraakt.

Volgens Van Nieuwkoop handelt Intertoys in strijd met het exclusiviteitsbeding door zonder zijn toestemming binnen zijn exclusieve verzorgingsgebied een Bart Smit winkel om te bouwen tot Intertoys. Intertoys meent dat zij juist aan haar verplichtingen uit de franchiseovereenkomst voldoet, door in de Intertoys formule te investeren en deze verder te ontwikkelen. Van Nieuwkoop zou niet om toestemming hoeven te worden gevraagd, althans zijn toestemming zou niet kunnen worden afgewacht, dan wel Van Nieuwkoop zou misbruik maken van zijn bevoegdheid door toestemming te weigeren.

Vorderingen

In kort geding vordert Van Nieuwkoop (samengevat) dat Intertoys en Bart Smit wordt verboden om de relevante Bart Smit winkel om te vormen tot een Intertoys winkel en op andere wijze die Bart Smit winkel te wijzigen waardoor hem concurrentie wordt aangedaan. Van Nieuwkoop vordert ook dat reeds in de Bart Smit winkel doorgevoerde wijzigingen ongedaan worden gemaakt. Intertoys en Bart Smit vorderen op hun beurt dat Van Nieuwkoop wordt veroordeeld om toestemming aan de ombouw te verlenen en de exploitatie te gedogen.

Beoordeling

De voorzieningenrechter oordeelt dat Intertoys in strijd handelt met het exclusiviteitsbeding door zonder toestemming van Van Nieuwkoop binnen het aan hem toegewezen exclusieve verzorgingsgebied een Bart Smit winkel om te bouwen. Hierbij wordt zwaar meegewogen dat Van Nieuwkoop nog geen jaar voordat Intertoys en Bart Smit gingen samenvoegen een aanzienlijk bedrag heeft betaald voor zijn franchisecontract en dat de waarde van een dergelijk contract bij uitstek wordt bepaald door de exclusiviteit.

Van Nieuwkoop mag de toestemming in beginsel onthouden. De voorzieningenrechter acht de argumenten van Van Nieuwkoop hierbij gezien zijn economische positie begrijpelijk. De grens ligt volgens de voorzieningenrechter daar waar het een franchisenemer niet langer te doen is om compensatie van schade, maar om maximalisatie van diens hindermacht. Het laatste zou hier niet aan de orde zijn.

Wel zou een bedrijfseconomische noodzaak tot herstructurering onder omstandigheden kunnen meebrengen dat een franchisenemer de toestemming naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet kan onthouden. Vereist is dan echter een collectieve gedragslijn ten aanzien van alle door die herstructurering geraakte franchisenemers. Denkbaar is in zo’n geval dat een franchisenemer zich voegt naar de loop en resultaten van een door de franchisegever ingericht collectief proces van consultatie en besluitvorming door/met alle betrokken franchisenemers, waarin de stem van de geraakte franchisenemers zwaar weegt.

Intertoys en Bart Smit lijken echter van geval tot geval te zoeken naar de weg van de minste weerstand. Ook ligt er geen bod waarvan de redelijkheid en toereikendheid zo evident zijn dat Van Nieuwkoop zijn toestemming niet zou mogen onthouden, aldus de voorzieningenrechter.

De vorderingen van Van Nieuwkoop worden niet alleen toegewezen jegens Intertoys (zijn contractuele wederpartij), maar ook jegens Bart Smit. De voorzieningenrechter oordeelt dat Bart Smit niet alleen profiteert van de wanprestatie van Intertoys, maar feitelijk – nu zij onder dezelfde directie opereren – in vereniging met Intertoys handelt.

Om te voorkomen dat partijen vastlopen, wordt wel bepaald dat Van Nieuwkoop aan de veroordeling geen rechten meer kan ontlenen, indien: 1.) Intertoys er in slaagt om met alle andere betrokken franchisenemers een collectieve regeling te treffen en zij die regeling ook aan Van Nieuwkoop aanbiedt; dan wel 2.) Van Nieuwkoop niet ingaat op een voorstel van Intertoys om een door Intertoys betaalde en door partijen gezamenlijk aan te wijzen deskundige bindend te laten adviseren over een compensatieregeling tot volledige vergoeding en/of Van Nieuwkoop het bindend advies vervolgens niet accepteert.

Conclusie

In de onderhavige exclusiviteitsdiscussie vindt franchisenemer het gelijk (voorlopig) aan zijn zijde. Intertoys en Bart Smit zullen nog een zware kluif krijgen aan de franchisenemers die worden getroffen door de voorgenomen omvorming van de Bart Smit winkels.

Dergelijke discussies kunnen worden voorkomen c.q. beperkt door dienaangaande vooraf voorzieningen op te nemen in de franchiseovereenkomst. Het franchiseteam van Holla Advocaten geeft dergelijke voorzieningen regelmatig vorm. Blijkt een geschil over exclusiviteit (desondanks) onvermijdelijk, dan denken wij ook graag mee.

Britt van Helvert 

Ondernemingsrecht

Franchiseteam

NB: De vindplaats van voormelde uitspraak vindt u hier.

< Vorige

Volgende >

Spring naar toolbar