Ambulancevoorzieningen

Wet ambulancevoorzieningen

Sinds 2013 is de ambulancezorg geregeld in de Tijdelijke wet ambulancezorg (‘Twaz’). Zoals de titel van de wet al aangeeft, is de Twaz een tijdelijke wet. De Twaz zou aanvankelijk in werking zijn tot 1 januari 2018, maar de werking ervan werd verlengd tot 1 januari 2021. Nu die datum nadert, heeft de Minister voor Medische Zorg (‘de Minister’) eind mei 2020 het wetsvoorstel Wet ambulancevoorzieningen (‘Wav’) ingediend. Het wetsvoorstel is op 30 juni 2020 door de Tweede Kamer is aangenomen, en op 7 juli 2020 door de Eerste Kamer als hamerstuk afgedaan. In deze blog gaan wij in op de hoofdlijnen van de nieuwe wet. De verwachting is dus dat de wet per 1 januari 2021 in werking zal treden.

Van Twaz naar Wav

Al voor 2006 werd er gesproken over de wettelijke regeling van de ambulancezorg. Destijds werd voorgesteld om via een aanbesteding aan één aanbieder per regio een vergunning te verlenen, maar de Raad van State was daarover kritisch in 2006. De regering heeft toen besloten om de ambulancezorg te regelen in de Twaz. Op grond van de Twaz heeft iedere veiligheidsregio een Regionale Ambulancevoorziening (‘RAV’), die het monopolie heeft op het verlenen of doen verlenen van ambulancezorg in die regio. Dat systeem verandert met de Wav niet. De Minister wijst per veiligheidsregio een RAV aan (artikel 4 lid 2 Wav), die als enige ambulancezorg mag verlenen (artikel 6 lid 1 Wav). Daarbij blijft het wel mogelijk dat de ambulancezorg op contractbasis wordt uitbesteed (artikel 6 lid 3 Wav).

Onder de Wav is ambulancezorg aangemerkt als een zogenoemde niet-economische dienst van algemeen belang, oftewel een ‘NEDAB’. Dat betekent dat de Europese regels over het vrij verkeer niet van toepassing zijn en dat aanbesteding niet verplicht is. De Minister brengt in dit verband een groot aantal argumenten naar voren. De Raad van State was echter niet overtuigd van de kwalificatie van de ambulancezorg als NEDAB, die mogelijk in strijd is met Europees recht. De Minister heeft die kritiek echter naast zich neergelegd.

Verplichtingen voor de Regionale ambulancevoorziening

De Wav kent nieuwe eisen voor de RAV, maar sommige bepalingen overlappen met regels uit andere wetten. Zo volgt uit artikel 9 lid 1 en 2 Wav dat de RAV systematisch de bewaking, beheersing en verbetering van de kwaliteit van de ambulancezorg organiseren en daarvoor gegevens verzamelen. Deze bepaling is vrijwel identiek aan artikel 7 van de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (‘Wkkgz’), maar wordt in de Wav (nog eens) op de ‘werkzaamheden en de verlening van ambulancezorg’ toegesneden. Nieuw is de verplichting dat de RAV elke vijf jaar door een visitatiecommissie van een andere RAV gevisiteerd moet worden (artikel 9 lid 3 Wav).

Uit de toelichting op de wet blijkt dat die overlap ook is opgemerkt door de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (‘IGJ’), één van de toezichthouders op de Wav. De IGJ meent dat het door de overlap denkbaar is dat ten aanzien van hetzelfde feitencomplex twee aanwijzingen moeten worden opgelegd, op basis van twee verschillende wetten. De Minister meent dat het aanwijzen van RAV’s voor onbepaalde tijd strikte overheidsregulering vergt. Door (de strekking van) een aantal bepalingen uit de Wkkgz ook in de Wav op te nemen, wordt het belang van die bepalingen benadrukt, aldus de Minister. Daarbij merkt de Minister op dat de Wav een bijzondere wet is, die, indien van toepassing, voorgaat op de Wkkgz. Of dit alles wel zo efficiënt is voor de handhaving van de Wav kan echter betwijfeld worden.

Dezelfde problematiek geldt voor eisen aan de interne governance van de RAV. Sommige bepalingen uit de Wav overlappen namelijk (ook) met bepalingen uit de Wet Toelating Zorginstellingen (‘WTZi’) en de toekomstige Wet toetreding zorgaanbieders (‘Wtza’). Zo moet de RAV verplicht de boekhouding scheiden wanneer zij naast ambulancezorg ook andere activiteiten ontplooit (artikel 13 Wav). Ook moet de RAV een interne toezichthouder instellen die toezicht houdt op het beleid van het bestuur en op de algemene gang van zaken in de RAV en het bestuur met raad terzijde staan (artikel 14 Wav). De interne toezichthouder heeft een goedkeuringsrecht voor de onderwerpen die zijn genoemd in artikel 15 lid 2 Wav. Voor RAV’s geldt echter al dat zij een interne toezichthouder moeten hebben (artikel 6.1 jo. artikel 2.1 lid 4 en 5 Uitvoeringsbesluit WTZi) en hun boekhouding moeten scheiden (artikel 6.4 lid 2 Uitvoeringsbesluit WTZi).

Verder geldt dat de Minister moet worden geïnformeerd over een voorgenomen wijziging in de zeggenschap over de RAV (artikel 17 en 18 lid 1 Wav). Als het een verboden zeggenschapswijziging betreft, kan de Minister een aanwijzing geven om de handeling te beëindigen of de gevolgen ervan ongedaan te maken (als bedoeld in artikel 22 Wav). Nieuw is dat voor een fusie met een andere RAV of een wijziging van rechtsvorm voorafgaande toestemming van de Minister is vereist (artikel 18 lid 2 Wav). Dat toestemmingsvereiste komt bovenop de zorgspecifieke fusietoets van de Nederlandse Zorgautoriteit. Verder volgt uit artikel 19 Wav dat bij algemene maatregel van bestuur nadere regels kunnen worden gesteld aan de uitkering van winst door RAV’s of hun onderaannemers. In de toelichting op de wet geeft de Minister echter aan dat hij niet voornemens is om aan winstuitkering beperkingen te stellen omdat er volgende waarborgen bestaan om excessieve winsten te voorkomen.

Gegevensuitwisseling

De Wav kent ook nieuwe bepalingen met betrekking tot de uitwisseling van gegevens. Zo geldt op grond van artikel 10 lid 1 Wav dat de RAV van afdelingen spoedeisende hulp (‘SEH’) van ziekenhuizen ten behoeve van kwaliteitsbewaking, -beheersing en -bevordering van de ambulancezorg kosteloos alle daartoe noodzakelijke gegevens ontvangt, waaronder persoonsgegevens, onder welke ook zijn begrepen gegevens over de gezondheid van de cliënt als bedoeld in artikel 5 onderdeel 15 van de Algemene verordening gegevensbescherming (‘AVG’). Bij algemene maatregel van bestuur wordt bepaald welke gegevens de RAV’s precies ontvangen van de SEH en wat de bewaartermijn van de verstrekte gegevens is (artikel 10 lid 4 Wav). Dit zal worden geregeld in het Besluit ambulancevoorzieningen, dat nog in voorbereiding is.

Uit de toelichting op de wet volgt dat deze gegevensverwerking noodzakelijk is om te voldoen aan de verplichting dat de RAV verantwoordelijk is voor een adequate en integrale inbedding van de medische verantwoordelijkheid in de organisatie (artikel 11 Wav). Daarmee wordt blijkens de  toelichting voldaan aan de voorwaarde voor rechtmatigheid van de verwerking in artikel 6 lid 1 onder c AVG. Met betrekking tot de verwerking van bijzondere persoonsgegevens wordt voldaan aan de voorwaarden in artikel 8 lid 2 onder h en i AVG, omdat het gaat om verwerking voor geneeskundige doeleinden en het waarborgen van kwaliteitsnormen voor de gezondheidszorg.

Uit artikel 10 Wav volgt echter niet dat de SEH-afdelingen van ziekenhuizen verplicht zijn om de aangewezen gegevens met de RAV te delen. Op grond van artikel 7:457 Burgerlijk Wetboek geldt voor de hulpverlener immers het beroepsgeheim. Een uitzondering op het beroepsgeheim is een wettelijke verplichting. In dit geval volgt de wettelijke verplichting voor SEH-afdelingen om gegevens te delen met RAV’s uit het Kwaliteitskader Spoedzorgketen en de bijbehorende richtlijn gegevensuitwisseling, waaraan SEH-afdelingen op grond van artikel 2 lid 2 Wkkgz moeten voldoen.

Tot slot

Al met al verandert met de komst van de Wav niet bijzonder veel ten opzichte van de Twaz, maar zijn er toch enkele nieuwe bepalingen, waaronder de onderlinge periodieke visitatie, de gegevensuitwisseling met SEH-afdelingen en het toestemmingsvereiste van de Minister bij een fusie of overname van de RAV. Voor wat betreft de bepalingen uit de Wav die overlappen met reeds geldende bepalingen uit de Wkkgz en de WTZi geldt dat met de inwerkingtreding van de Wav niet veel verandert voor de RAV’s.

Update: op 2 juli 2020 werd de bij de Wav behorende Regeling ambulancevoorzieningen ter internetconsultatie gepubliceerd. Reageren op de internetconsultaties kan tot 15 september 2020. Het Besluit ambulancevoorzieningen is als gezegd nog in voorbereiding.

Meer weten over de ambulancezorg, of heeft u vragen over andere onderwerpen binnen het Gezondheidsrecht, neemt u dan gerust contact op met Jacqueline de Vries, Sofie Steen of Jeffrey Groen.