Holla

Werkgever niet aansprakelijk voor val over afzuigslang

Op 24 april 2007 heeft, wederom, het Hof Den Bosch uitspraak gedaan in een zaak waarin aansprakelijkheid van een werkgever werd afgewezen wegens schade van de werknemer tengevolge van een val over afzuigslang. De werknemer was (op arbeidstherapeutische basis) werkzaam aan een droogschuurlijn. Aan een droogschuurlijn worden oneffenheden van auto’s weggeschuurd. Er is ook een schuurmachine aanwezig voor de grotere oneffenheden. Deze schuurmachine is verbonden aan een afvoerslang. (Mede) in verband met arbonormen kan de werkvloer op diverse hoogtes worden ingesteld, afhankelijk van het type auto en de te schuren delen van de auto. De desbetreffende werknemer is tijdens opruimwerkzaamheden van een hoger gelegen deel van de werkvloer op de afvoerslang van de schuurmachine gestapt, waarbij hij zijn enkel had omgezwikt. Tengevolge daarvan heeft hij enkelletsel opgelopen waarvoor hij zijn werkgever aansprakelijk heeft gesteld. De werknemer wijdt het ongeval aan een gevaarlijke situatie op de werkvloer. Er zouden zich reeds eerder dergelijke ongevallen hebben voorgedaan, er was een té groot hoogteverschil tussen de twee vloeren dat hij zonder trapje moest overbruggen en er lagen afvoerslangen. De werkgever stelt dat zij haar zorgplicht jegens de werknemer is nagekomen en niet aansprakelijk is. Het Hof gaat hierin mee.

Het Hof is van oordeel dat de werknemer erop bedacht diende te zijn dat de afzuigslang die verbonden was aan de schuurmachine, die door de werknemers bij de uitoefening van hun werkzaamheden werd gebruikt, zich op de werkvloer kon bevinden, nu men bezig was met opruimen (en de werknemer zelf ook met deze opruimwerkzaamheden bezig was). Het Hof oordeelt dat van de werkgever niet gevergd kan worden dat zij continu erop toeziet dat de slangen steeds langs de wand worden gelegd, ongeacht of deze al dan niet in gebruik zijn. Instructies omtrent opruimen hebben onder deze omstandigheden weinig invloed op de aanwezigheid van de slangen ter plaatse tijdens het opruimen, aldus het Hof. Het feit dat er hoogteverschil tussen de werkvloeren was oordeelt het Hof op zich onvoldoende gevaarzettend nu dit bij de werknemers bekend was en verband hield met de ergonomische noodzaak de vloer in hoogte te kunnen verstellen. Een en ander maakt dat de werkgever niet aansprakelijk is voor de eventuele schade die de werknemer lijdt tengevolge van de kwetsuur aan zijn enkel, omdat niet kan worden aangenomen dat de werkgever haar zorgverplichting heeft geschonden.

mw. mr. M. Hulstein (T: 040-2380611; E: mhulstein@holla.nl)
Bossche Balie Bulletin – november 2007

Terug